Tien dagen eilandhoppen op de wadden.


Algemeen,
Op vakantie in eigen land. De wadden trokken ons al een lange tijd maar wel iets voor het voor- of najaar. In september 2007 was het dan zover. We zijn toen met de rugzak en tent voor ca 10 dagen over vier waddeneilanden getrokken. Schiermonnikoog, Ameland, Vlieland en Terschelling. Ook in die volgorde. Het was aardig weer. Geen dagen vol zon maar ook geen regen en 's nachts niet te koud. Echt najaarsweer.
Wij dachten gebruik te kunnen maken van de bootverbindingen tussen de eilanden maar dit gaat alleen 's zomers en dan nog alleen met goed weer. Alle verbindingen worden gerund door particuliere bedrijfjes. Soms ook met vissersboten. Wij waren gedwongen steeds weer via het vaste land met de auto naar een andere bootverbinding te rijden. Tussen Ter Schelling en Vlieland voer nog wel een sneldienst maar die was op het moment dat wij hem wilden gebruiken buiten dienst vanwege te veel wind.

Op Texel zijn we niet geweest. Onvoldoende tijd en voor ons minder interessant vanwege de gelijkenis met het vaste land. Ook waren we op zoek naar een rustige omgeving, die we het meest waardeerden op Schiermonnikooog.
Schiermonnikoog,
Het eiland is het kleinste van de vier en autovrij en in het najaar lekker rustig. Er zijn veel wandelmogelijkheden en het gehele eiland is per fiets eenvoudig in één dag te verkennen.
Wij hebben gekampeerd op de "Camping Seedune" aan de NW-zijde van het eiland nabij het dorpje Schiermonnikoog. De naam zegt het al gelegen in de duinen en veel vrije ruimte. Naast ons stonden er nog maar twee andere tentjes. Je moet wel alles zelf verzorgen want de faciliteiten op een camping zijn in september meestal al gesloten.
Op de camping hebben we wat fietsen gehuurd om een dagje het eiland te verkennen.
Je vind er een mooie vuurtoren en ontzettend brede stranden meestal deels nog begroeid met allerlei zoutminnende plantjes zoals lamsoor en zeekraal.
Er zijn goede fietspaden maar het uiterste Oosten van het eiland is alleen wandelend te bereiken. We hebben onz fietsen achtergelaten bij een aantal waakkoeien en zijn het kweldergebied ingelopen tot aan "De balg" in het uiterste Oosten en via het strand weer terug. Aan de hand van houten bakens van wel ca. 10m hoog kun je je orienteren. Wel nodig want alles lijkt op elkaar en je kunt niet overal de waterstroompjes zomaar oversteken.

Ameland,
Ameland is het grootste eiland van de vier die we hebben bezocht. Wil je dit helemaal verkennen kost je dit zeker minimaal twee dagen met de fiets.
Het mooie is dat je bij aankomst op alle eilanden bij de pier al fietsen kunt huren die weer inlevert bij het vertrek. Soms ook op andere plekken op een eiland of op een ander eiland. Dit is goed georganiseerd op en tussen de de eilanden.
We hebben gekampeerd op een grote lege "Camping Duinoord" in de duinen aan de Noordzijde bij het dorpje NES. Veel plek voor sta- en vaste caravans. Wij stonden er met ons tentje alleen.
Van hieruit kun je perfect een dagje met de fiets richting het Westen richting Hollum en een dagje richting het natuurreservaat "Het Oerd", met haar zoute kwelders helemaal aan de Oostzijde.
Hollum is zeker een bezoekje waard. Je vindt er een aantal commandeurswoningkjes uit de tijd dat de eilandbewoners hun kost verdienden in de walvisvaart. Voor meer detail over deze tijd kun je een bezoek brengen aan het in hetzelfde dorpje gestichte cultuur historisch museum "Sorgdrager" deels ondergebracht in een oude commandeurswoning.
Ook een bezoek aan de 18e eeuwse vuurtoren is de moeite waard. Voor een paar euro kun je hem bovendien beklimmen. Wel langs de binnenzijde natuurlijk.
Foto reeks
Verder kun je twee maal per week (misschien in de zomer vaker) een demonstratie bijwonen van een redding met de paardenreddingsboot zoals dat vroeger ging. Verwacht niet dat je daar alleen bent want het gehele eiland komt hier naar kijken. Auto's en bussen vol met mensen.
Maar één van de mooiste evenementen op het eiland is natuurlijk een bezoek aan de vele zeehonden die liggen te zonnen op een zandplaat. Je kunt met diverse boten vanaf de pier de z.g. robbentocht maken.
Het zijn overdekte grote schepen met catering en een dakterras. Naar de zandplaten toe is er ook genoeg te zien. Diverse vogelsoorten, visserschepen en op afstand groepen wadlopers.
Bij aankomst moet je muisstil zijn anders gaan ze er vandoor. Als je een geluk hebt kan het schip tot bijna op de zandplaat varen en zie je ze van heel dichtbij. We hebben er wel een kwartier gelegen met een zonnetje in onze rug. Wat wil je nog meer. Heel leuk om te doen.
Vlieland,
Vlieland is ook autovrij en heeft een heel gezellig dorpje Oost-Vlieland. Er is weinig permanente bewoning en veel bos en duin om te wandelen of te fietsen. Het eiland vergt minimaal twee dagen om te verkennen. Eén dag per fiets en je moet ook één dag wandelend de westzijde bekijken.
Wij hebben gekampeerd op de "Camping Lange paal" van staatsbosbeheer. Gelegen in de bossen tegenaan de cranberryvlakte. Je kunt de bessen vinden in de duinen tussen het strand aan de Noordzijde en de camping. Rauw zijn ze niet te eten maar verder worden ze overal in gebruikt. Mosterd, ijs, gebak, wijn, eenden- of kalkoengerechten etc.... Allemaal heel smakelijk met een bijzonder karakter.

Aan de dijkzijde in het Zuiden kun je veel vogels zien waaronder de lepelaar die garnalen staat te vissen. Wij zijn geen specifieke volgelkenners maar er zijn veel soorten te zien. Diverse soorten meeuwen, scholekster, fuut, steenlopertjes, wulp, stern, etc...., veel vogels die hele dagen in de modder lopen te scharrelen.
Maar niet alleen de vogels zijn op zoek naar voedsel. Je ziet ook vaak zeevissers verwoed zoeken naar hun aas voor de komende dag.

Op alle eilanden kun je veel bramen vinden. Mooi zwart en zoet. Overal op de eilanden stonden er veel van maar op Vlieland mateloos.
De eerste dag zijn we het eiland rondgefietst en de tweede dag met de fiets naar het "Posthuis" tegenaan de Vliehors, -de grote zandvlakte in het Oosten- en vandaar wandelend verder rondom de "Kroon polders". Dit natuurgebied, deels afgezet als broedgebied is mooi en rustig. Je kunt met een gids van SBB wel in de afgesloten gebieden komen.
De zandvlakte wordt buitenom het broedseizoen gebruikt als oefenterrein door defensie. In de zomer rijdt er in deze sahara vanaf het "Posthuis" ook een truc die je desgewenst afzet op een vissersboot richting Texel. Je kunt natuurlijk ook alleen een retourtje nemen om de zandvlakte te verkennen.
De morgen van vertrek was regenachtig en met de rugzak op de fiets haastend voor de boot zijn we zeiknat geregend. En dit voor een boot naar Terschelling die vanwege een te harde wind niet voer. Op zo'n moment is een 'r' toevoegen achter de 'k' van kamperen toepasselijker.
Terschelling,
Als laatste van de vier zijn we op Terschelling aangekomen. Met veel bewoning aan de Zuidzijde en gewoon toegangkelijk met de auto. Je ziet er naast de mooie duinen in het Noorden en Westen een kweldergebied in het Oosten en einige veeteeld in het Zuiden. Op de fiets heb je minimaal twee dagen nodig om het gehele eiland te verkennen.
We hebben hier ook wederom gekampeerd op een camping van staatsbosbeheer. van staatsbosbeheer. "Camping West-Terschelling" gelegen in de bossen tegenaan de Kroonpolders nabij het gelijknamige dorpje. Het dorpje gebouwd rondom de bekende vuurtoren Brandaris.
Wij zijn wezen fietsen tot aan het Europees natuurreservaat "De bosplaat" waar alleen wandelroutes zijn. De heenweg door de duinen en de terugweg aan de buitenzijde van de dijk aan de Zuidzijde. Beiden trajecten heel mooi en aantrekkelijk met hun eigen omgeving en natuur. Typisch voor alle alle eilanden een duinzijde met breed strand aan de Noordzijde en een dijk aan de wadzijde in het Zuiden.

Onderweg kun je nog een bezoek brengen aan de Cranberry boerderij en het Wrakken museum nabij Formerum. Het museum is een soort juttersmuseum ontstaan vanuit de hobby van een juttersfamilie. Leuk om te bezoeken en op het terras te genieten van een heerlijk bakje koffie met cranberrytaart.

Ook hebben we natuurlijk het wad verkend. Zonder gids maar als je goed oplet op het tij en met afgaand vertrekt kun je nog al wat doen. Let wel waar het water het eerste wegtrekt en weer opkomt. Het kan heel snel gaan. Bovendien kun je een aardig stukje wegzakken in de modder als je niet uitkijkt.

Al met al leuk om onze eigen waddeneilanden eens te bekijken. 's Zomers zal het wel een stukje drukker zijn maar je kunt wel eilandhoppen tussen de eilanden in. Dit bespaart je ook weer wat tijd.
Vermoedelijk niet de laatste keer dat we hier geweest zijn ondanks of dankzij al het andere moois op heel de wereld. Wij hebben ons georienteerd met het ANWB boekje " Waddeneilanden" met een goede kaart van alle eilanden en 5 mooie routes. ISBN-10:90-18-01974-7. Ook kun je op elk eiland uitgebreidere landkaarten kopen.




Terug reisverslagen

- Einde -