"Reis door Afrika, zomer 2005"


In de zomer van 2005 zijn we drie maanden door Afrika getrokken. In juli met het vliegtuig geland in Nairobi en begin oktober weer terug vanuit Kaapstad. We hadden de reis opgesplitst in vier trajecten van ongeveer drie weken.

We zijn gestart in Kenia en Tanzania voor de eerste drie weken van onze reis. Zelfstandig door prachtige wildparken inclusief het beklimmen van de Kilimanjaro. Het tweede traject van drie weken bestond uit een georganiseerde rondreis door Uganda en liep van Entebbe via Murchinson Falls en de Ruwenzori naar Kisoro. Een echte aanrader inclusief een bezoek aan de berggorilla's. Het derde traject van drie weken liep van Kisoro via Kigoma en Mpulungu naar Livingstone en het vierde traject was wederom een georganiseerde reis van drie weken van Livingstone door Namibië en Botswana (via de Zuid-West kust) naar Kaapstad. Daar konden we nog een weekje uitrusten voordat we weer huiswaarts zijn gevlogen.

Wat biedt Afrika ons?
Afrika heeft voor ons een aantrekkingskracht vanwege de diversiteit aan cultuur, muziek, natuurschoon en historie. Maar het is vooral de mystiek en het ongerepte dat wij al een lange tijd wilden verkennen. In het jaar 2001 zijn we al eens naar Zuid Afrika geweest. Dit heeft ons alleen maar aangemoedigd om meer van dit werelddeel te zien.

Ons doel was veel moois te zien, dit te combineren met een stukje bergsport, leuke contacten maken met mensen onderweg, reizen met alle vormen van openbaar vervoer, met zo mogelijk een bezoek aan een wilpark, de Victoria Falls, chimpansees en de gorilla's, een wandelsafari door een wildpark meemaken en zoveel mogelijk mooie foto's maken. Kortom geen kort verlanglijstje. 2005 was het jaar waar we lang op hadden gewacht. Alle mooie plekjes die we in gedachten hadden hebben we ook bezocht. En nog veel meer van dit mooie land.
Vliegreis,
8 juli 2005, Vlucht met British Airways van Amsterdam naar Nairobi met een tussenstop in Londen. 's Morgens om 3:00 zijn we al vertrokken richting Schiphol. Vanuit Zeeland toch nog -afhankelijk van het tijdstip- ca. 2,5 uur rijden. De reis vlotte echter goed en om 5:00 zaten we al aan een bakje koffie in de vertrekhal. Marga en Niels hebben ons gebracht en zijn een uurtje later weer vertrokken.

Om 7:20 steeg ons vliegtuig op, om via Londen met een overstap van 2 uur weer te vertrekken richting Kenia. Een reis van ca 10 uur. Waarbij de totale reistijd vanaf Zeeland op 19 uur uitkwam voordat we in Nairobi waren. De tickets hadden we via internet bij Ticket2go gekocht. Bij aankomst stond er al een taxi klaar om ons naar de lokale backpackers te brengen. Dit hadden we al vanuit Nederland -en ook- via Internet geboekt. Wat is de wereld toch klein en zo hoefden we in elk geval niet bij nacht en ontij onze weg te zoeken in Nairobi wat overigens ook door veel mensen ten sterkste wordt afgeraden.
Aankomst in Nairobi,
De eerste week hebben we in Kenia rondgereisd. Na aankomst hebben we 2 nachten bij het Nairobibackpackers geslapen. Deze overnachtingen zijn bij het welkomstarrangement inbegrepen. Het is een goed verblijf wanneer je niet zo kritisch bent op je slaapplek en je nachtrust. Afhankelijk van je slaapplaats betaal je tussen de 7,- en 16,- USD/pp/nacht. Je kunt ook buiten in een tent slapen voor maar 4,- USD/pp/nacht.

Het is in het begin van een reis altijd even zoeken maar je staat er ook versteld van hoe snel dit elke keer weer gaat. Na die twee dagen hadden we zelfs onze weg al een beetje gevonden in Nairobi en omstreken. Inclusief een internetcafé voor 2 Ksh/min.
We waren de eerste dag al op pad in Nairobi en op bezoek bij een giraffe- en olifanten-opvangcentrum en het Karen Blixen museum. Dit zit ook in de boeking van het welkomstarrangement bij de backpackers. Je weet wel Karen Blixen uit de film 'Out of Africa' met Robert Redfort en Meryl Streep. In het huis kun je de sfeer van die tijd nog proeven!

's Avonds zijn we weer terug gegaan naar onze backpackers voor stampot (zoete)aardappelen met een 'Chicken stew'. In elk geval alles goed gekookt!
Waar je wel voor moet uitkijken op een dergelijk adresje is je gezondheid. De logés komen van over heel de wereld en dragen wel eens wat bij zich. Tijdens ons verblijf lag er in onze 'Dormatry' een Hepatitis-B patiënt. Gelukkig hadden wij al onze vaccins gehad.

Ook heeft Ken, de eigenaar van de backpackers, op ons verzoek een drie daagse wandelsafari met de Masai geregeld. We konden de volgende dag al vertrekken. Dit is een ervaring om nooit te vergeten.

Wandelsafari met de Masai,
Met z'n tweeën, drie Masai krijgers (Twella, Tutu en Kios) en een kok drie dagen wandelen door de bush. Ongeveer 50 km door de Mara onder de hete zon met het wild op nog geen 50m afstand. Giraffen, Gnoe's, Zebra's, Struisvogels, Antilopen en Olifanten. Maar ook op het gebied van flora en fauna en dagelijkse gewoonten hebben we veel informatie uitgewisseld. We hebben veel geleerd over de verschillende soorten Acacia's. Dat je soms hun vruchten kunt eten, dat ze soms in de wind fluiten, 'Whistle Acacia', 'Wait a moment Acacia', 'Umbrella Acacia', 'Yellow Acacia', de 'Red Acacia' etc. ............ Natuurlijk hebben we ook een vuurtje gemaakt met houten stokjes en wat zebramest.

We kregen ook les in het herkennen van voetsporen en in de Masai gewoonten. Dat ze leven van bloed, koeien- en geitenmelk en gestolen vlees. Dat ze hun medicijnen onttrekken uit planten en boompjes. Dat ze een plant verbouwen met schuurpapier bladeren om de authentieke machete van de Masai mee te scherpen. Dat ze een plant kennen met geparfumeerde zachte bladeren voor gebruik als parfum of na de toiletgang. Over hun sterke cultuur en de keuze van de kinderen om naar school te gaan of krijger te worden. Hoe je krijger wordt. De taken van mannen en vrouwen in de gemeenschap etc .......... In die drie dagen kun je heel wat afkletsen. Want dit doen ze graag. Elke keer wanneer we iemand ontmoeten gaan ze weer verhalen vertellen over hun leven.
We zijn gestart in Maijmoto (Hot Springs) het dorp van Twella en Tutu en zijn na drie dagen lopen aangekomen bij 'Kaitapiwet', het dorp van Kios. Daar hebben we Jonathan ontmoet die ons het dorp heeft laten zien. We hebben ook kennis gemaakt met de vrouw van Kios, zijn moeder en zijn dochter. Daar zijn we heel vriendelijk ontvangen en rondgeleid. Bij de moeder van Jonathan hebben we nog 'Chai' gedronken in haar hut. Pikkedonker met alleen een gaatje voor de rook boven het houtskoolvuurtje. Na binnenkomst kon je geen hand voor ogen zien maar na verloop van tijd werd e.e.a. herkenbaar. Alleen wat plek om te slapen en een enkel krukje om te zitten. Ook het jonge vee had een plekje vlak achter de ingang. Matrassen en kussens vind je er overigens niet. Meestal wordt er geslapen op een koeienhuid en een houten hoofdsteuntje.

Een wandelsafari is veel intenser dan met een auto door een wildpark. De spanning, de vermoeidheid, slapen bij een riviertje of bij een Masaidorp, koken op een houtskoolvuurtje, waarbij 's nachts de Masai over je waakt en in ons geval wat olifanten moesten wegjagen. Wij in een tent en hun buiten, het stormde..... Voordat je gaat slapen jezelf opwarmen bij het kampvuur en samen met de Masai krijgsliederen zingen over het stelen van koeien in Tanzania. Nou zingen het zijn meer keelgeluiden die over de Mara klonken. Bij dageraad weer op en ontbijten met de opkomende zon en giraffen die over je schouder meekijken.

Ook hebben we nog een mazzeltje gehad tijdens de safari. Niet aangevallen door wilde dieren maar onderweg waren we een diarolletje verloren. Midden in de 'Mara', één grote uitgestrekte vlakte, waar je geen voetstappen kunt onderscheiden. We zijn na ca. 10 min. -toen we het bemerkten- toch terug gelopen om te zoeken. Gelukkig natuurlijk met een Masai als spoorzoeker. En, je gelooft het niet, we vonden het rolletje terug vlak voor Wim zijn voeten. Anders hadden we deze mooie plaatjes niet kunnen laten zien.

Kortom, voor ons in elk geval, was de gehele safari een veilige en schitterende ervaring.
Nakuru,
Na de wandelsafari zijn we doorgereden naar 'Lake Nakuru' waar je naast de bekende vogelsoorten zoals flamingo's en pelikanen ook veel neushoorns, giraffen, antilopen, bavianen en buffels kunt zien. Het mooiste is wanneer je aan de oevers van dit zoutmeer een stukje gaat lopen. Je ruikt, hoort en beleeft de aanwezigheid van deze vogels dan pas echt. Het meer is roze van de flamingo's die statig op een rij langs de oevers paraderen. Op de terugweg passeer je het uitkijkpunt bovenaan het meer vanwaar je het schouwspel nogmaals kunt aanschouwen.

's Nachts hebben we geslapen op een nabijgelegen landgoed met tenten waarin normale bedden waren geplaatst. Er was wel geen warm water maar slapen ging goed. Op het landgoed staat ook een mooie lodge, je weet wel, gemaakt van grote keien, een rieten dak op palen en met van die grote zelfgemaakte houten stoelen waarin je 's avonds bij de openhaard kunt wegzakken achter een glaasje wijn of bier. Voor je tent brand de hele nacht een olielamp om wilde beesten af te schrikken. En...... wanneer je in het donker naar het 'toilet' moet, staat er een Masai met speer gereed om je te begeleiden.

Na ca. 1 week reizen hebben we alleen nog maar positieve ervaringen opgedaan. De mensen zijn vriendelijk en behulpzaam, niet opdringerig, altijd in voor een praatje, wil je niets kopen, oke. Het eten smaakt goed, het weer is niet te warm, af en toe bewolkt. Kortom tot nu toe een mooie tijd.

Wat je echter niet moet onderschatten is het valuta probleem. De Shilling is niet veel waard zodat je snel veel USD kwijt bent en ze vervolgens nergens meer kunt krijgen. Ze hebben een slechte wisselkoers dus iedereen wil dollars zien. Grote bedragen boven de 50,- USD worden nog zelden met Shillingen betaald. Neem je er te weinig mee, zoals wij deden, dan blijft dit je gedurende je gehele verblijf achtervolgen. Ook travellercheques is nagenoeg geen optie. De transactiekosten bij het wisselen naar cash bedragen al snel 15%. Je kunt ze wel goed gebruiken voor het betalen van parkentree etc..... Informeer wel van te voren of ze daar ook te gebruiken zijn. 1 USD was in juli 2005 ca. 75 Ksh maar de koers wisselt per dag. In de grote steden zijn er meestal wel enkele geldautomaten (ATM's) waar je Ksh kunt halen.
Kilimanjaro,
Na nog een laatste nacht slapen in de backpackers en een bezoek aan Nairobi zijn we met de shuttlebus (Matatu) naar Tanzania gereden. Vlak voor het passeren van de grens zie je de Kilimanjaro al liggen. Bijna 5900m hoog. Eenzaam en statig in het landschap met haar witte top gehuld in nevel. Zo'n hoge berg creëert haar eigen klimaat. Op de flanken in het 'NP Kilimanjaro' leven er zelfs olifanten. Deze kun je tevens zien en bereiken vanuit het aangrenzende 'NP Amboseli'.

Na wat grensformaliteiten en ca. 4 uurtjes rijden kwamen we om 19:00 aan in Arusha. Daarna zijn we op zoek gegaan naar een slaapplaats en een reisbureau waar je de trip naar de Kilimanjaro kunt boeken. We vonden m.b.v. Benjamin een budgethotel voor 7,5 USD per nacht/pp. En dit incl. een warme douche die daar toch maar zeldzaam is. Ook het eten was vrij voordelig. Voor 7,- USD/pp had je een goede maaltijd incl. wat te drinken.

De volgende dag konden we al zaken doen met als resultaat dat we de dag daarna al konden vertrekken. Daar kunnen ze in Nederland nog wat van leren. Dit in het gezelschap van 5 dragers, een kok en tevens assistent gids Amidi en de gids Meximilian. Twee zeer deskundige mensen die je niet kunt missen op een dergelijke berg. Je mag namelijk niet alleen de berg op. Alles werd keurig geregeld. Het transport van kookgerij, brandstof, eten, tenten en overige bagage. Dit resulteerde totaal in een 'Crew' van zeven mensen. Op de 'Machame route' mogen de dragers n.l. maar 15 kg/pp meenemen dus kom je al snel aan deze aantallen. Bovendien zitten in deze 15 kg ook weer hun eigen spulletjes en etenswaren.

Op de 'Machame route' slaap je uitsluitend in je tent. De trekking duurde totaal zeven dagen en zes nachten. Vijf en een halve dag omhoog en anderhalve dag naar beneden. We zijn gestart bij de 'Machame gate' op 1800m en hebben overnacht t.p.v. Machame campsite (3000m), Shira campsite (3800m), Barranco campsite (3950m), Karanga valley (4500m), Barafu campsite (4600m) en Mweka campsite (3100m). Vanaf Barafu camp loop je via 'Stella point' naar 'Uhuru peak' (5895m). We zijn via de 'Mweka route' weer afgedaald. Trailblazer heeft hier een leuk boekje over. ISBN 1-873756-65-8. Beslist een aanrader.
De 'Machame route', die je op korte termijn kunt boeken -omdat er geen hutten onderweg zijn- was al langere tijd onze eerste keus. Het is niet de kortste route maar het schijnt wel de mooiste te zijn en de route met de meeste kans op de top. De mooiste omdat je op de gehele route steeds weer andere vegatatie en uitzichten tegenkomt. Na elke bocht wordt je weer verrast. Van de modderige, soms mistige en dichte jungle naar een gebied met prachtige 'Lobelia Deckenii' (die alleen op de Kilimanjaro groeit), vervolgens loop je door een soort 'Steppe' gebied, daarna rotsachtig met lava structuren en als laatste natuurlijk de besneeuwde gletsjers. Het is wel van belang dat het niet te veel regent natuurlijk.

Het is ook de beste route omdat je tijdens het langere traject beter kunt acclimatiseren. Je loopt diverse malen hoger dan je 's nachts slaapt en de stijging gaat geleidelijker dan bij b.v. de populaire 'Marangu route' waar je onderweg in hutten slaapt. Maar al met al vonden we een 'Crew' van zeven mensen ook wel wat beschamend. Wij waren dat niet gewend. In de Alpen draag je alles zelf.

Dat we alle zeven mensen moesten betalen vonden we niet erg. Dit kwam totaal neer op ca. €600,-. Het is een donatie aan Afrika waarvan jezelf mag meegenieten! De gids kreeg het hoogste bedrag, vervolgens de kok (en assistent gids) en daarna de dragers. Reken wel op een flinke fooi want dit is ook gebruikelijk op deze berg. Maar met dit in het vooruitzicht werkt de 'Crew' ook harder voor je. Al met al hebben we perfect weer gehad en zijn we perfect verzorgd. De formele 'Permit' moet je apart betalen bij de gate. Destijds was dit €500,- p.p.

Het gehele traject hebben we heel langzaam gelopen. Dit was volgens Meximilian de beste manier om te acclimatiseren. Wanneer we zelf iets wilden versnellen werden we weer teruggeroepen en moesten we 'Pole-Pole' gaan, wat zoveel betekent als rustig aan. Dus, vermoeid waren we niet maar de hoogte speelde wel parten. Ook het continu drinken is niet leuk. Elke keer maar weer die thee. Om uitdroging te voorkomen moet je minimaal vijf liter per dag drinken.
Foto reeks
Uhuru peak,
Op de zesde dag bereikten we na 6 uur lopen op 21 juli 8:00 de top van 5895m (Uhuru peak). Het was een steenkoude nacht op de 'Barafu campsite' 4600m hoog. We hadden niet geslapen en om 2:00 's nachts zijn we met onze hoofdlampjes aan vertrokken richting de top. Dan nog ca. 1300m te gaan. Er was veel maanlicht dus dit vereenvoudigde het lopen over de toch al smalle rotspaadjes. Je zult maar vallen...... Om 8:00 kwamen we uiteindelijk boven. Wel wat vermoeid, wankelend, misselijk en met hoofdpijn. Gelukkig kon Amidi ons een handje helpen de laatse 200m. We hadden een goede conditie maar tegen hoogteziekte doe je niets. Je wilt gaan zitten en slapen maar dit mag absoluut niet. De kans bestaat dat je nooit meer wakker wordt. Meximilian en Amidi zorgden wel dat je wakker bleef. Maar het was de moeite waard. Wat mooi daar bovenop die berg!

Eenmaal weer aan het dalen krijg je al na 500m je energie weer terug in je benen. We gingen snel naar beneden. Soms met stukjes hardlopen op de steile stukken. En natuurlijk ook door de endorfine in ons lichaam. Alles goed afgelopen en de top bereikt. Wat wil je nog meer. We hadden de gehele beklimming geboekt bij Aruexpedition in Arusha.

De Kilimajaro is een behoorlijke onderneming maar toch de moeite waard. Het is niet zozeer moeilijk maar de hoogte en het eentonige eten en zoveel drinken gaat je aan het eind wel parten spelen. Verder was er bij Wim de nacht voor de top nog een stuk van zijn kies afgebroken dus hebben we na de daling in Moshi in een ziekenhuis gezeten bij een tandarts, dit is dus ook al een ervaring op zich. Dus kijk uit met harde maïsstukjes in Popcorn. Naast heel veel thee kregen we ook elke keer Popcorn. Allebei flink zoet om de energie weer aan te vullen.

Eenmaal aangekomen in het ziekenhuis in Moshi zitten er voor ons ca. 100 mensen geduldig te wachten op hulp. Op van die houten lange banken. Bloed op de vloer en een behandelkamer die meer leek op een werkplaats. Je weet wel, met van die niervormige schaaltjes van chroom met gelijksoortige metalen injectiespuiten. In Nederland al lange tijd vervangen door steriel verpakte exemplaren.

Meximilian, die ons had gebracht, liep met ons (Mzungu's) rechtstreeks, vastberaden iedereen voorbij richting de behandelkamers. Niemand zei iets dus liepen we snel -maar toch wel iets beschaamd- achter hem aan. Was mijn kies echt zo belangrijk? Belangrijker dan de reden van al die anderen mensen in de rij? Maar ja, ook wel weer gemakkelijk. Anders hadden we daar misschien wel twee dagen in de rij moeten staan. Nu waren we al na een uurtje aan de beurt. Maar toen de aanwezige (tand)arts aan zijn assistente uitgebreid ging uitleggen hoe ze mijn kies moest repareren hadden we het wel gezien. Ondanks de 'Mzungu' privileges besloten we toch maar te wachten tot een 'beter' moment. Hoe meer we 'Southern Africa' naderden hoe beter de geneeskundige hulp rekenden we. Uiteindelijk is de kies in Nederland behandeld.
Drie daagse wildsafari in Tanzania,
Nadat we een dagje hadden uitgerust in hetzelfde budgethotel 'Arusha by Night' hebben we weer een safari geboekt. Maar nu met een minibusje en eigen chauffeur. Opnieuw met de tent en een privé kok. Wat een luxe. En dit voor nog geen 90,- USD/dag/pp all inclusive (60,- EURO). Dus incl. benzine, parkentree, overnachtingen op camings op basis van volpension.

Dit keer ging de reis naar de nationale parken 'Tarangire', 'Ngorogoro krater' en 'Lake Manjara'. Wederom drie dagen met twee overnachtingen in de tent. Het is niet voor te stellen hoe mooi dit is. Weer drie dagen met de Jeep op safari op zoek naar wild. En zodra het donker begint te worden terug naar de 'campsite' waar we rond het kampvuur met ondergaande zon de maaltijden bereiden.

De kok’s zijn erg creatief. Er is natuurlijk niet zoveel eten beschikbaar als in Nederland dus mixen zij elke dag dezelfde ingrediënten op een andere wijze door elkaar tot het weer heerlijk smaakt. En dan verder met je buik vol, tot je de tent in kruipt, genieten van de zwoele nachten. Voor ons om te rusten maar voor veel wild om te jagen. De nacht is nooit stil. Uiteindelijk val je in slaap tijdens het luisteren naar het wild dat in de verte huilt en brult.
Wat we in de parken gezien hebben is niet te beschrijven. Nagenoeg alle beesten die je er mag verwachten hebben we gezien. In elk geval de zogenaamde 'Big Five'. De Olifant, Buffel, Leeuw, Luipaard en Neushoorn. Ieder in zijn / haar eigen omgeving. De buffel in modderpoelen, de olifant zie je wel overal, de leeuw vaak onder een boom in de schaduw en het luipaard -vaak moeilijk te traceren- in het struikgewas of in een boom. De neushoorn heeft net als de olifant volgens ons niet echt een voorkeur voor zijn habitat. Wel komen ze 's avonds vaak samen om ergens te drinken bij een rivier of bij een geschikte waterplas. Ook hebben we verdeeld over de wildparken veel giraffen, zebra's, gnoes, antilopen, nijlpaarden en diverse soorten vogels gezien. En .............. honderden Baobab 'ondersteboven' bomen. Deze vind je vooral veel in het 'NP Tarangire'.
Verder hebben we in de 'Ngorogoro crater' een 'Kill' van een Impala door een cheeta en een mislukte aanval van twee leeuwen op een zebra gezien.
De Cheeta had net een Impala gevangen en zat (op ca 10m afstand) uit te hijgen van de enorme inspanning in het hoge gras. Af en toe keek ze met een bebloede snuit omhoog of er geen concurrent in de buurt was. Na ongeveer een kwartiertje had een hyena de prooi geroken en kwam deze via een sluiproute opeisen. De Cheeta keek gelaten toe hoe de hyena er met de prooi vandoor ging. Dit gebeurt heel vaak.

Cheeta’s of andere kleine katachtige doen er alles aan om niet tussen de sterke kaken van een hyena te komen. Een wond betekent al snel de dood in de vrije natuur. Of door infecties of doordat ze door hun wond geen snelheid meer kunnen opbouwen bij hun jacht. De twee leeuwen hadden minder succes. Voordat ze in volle vaart bij de zebra waren had deze hun al gezien en ging hij er snel vandoor. Hun geduld was te gering voor een goede aanval.
Uganda,
We hadden gepland om met het openbaar vervoer door de 'Serengeti' naar Mwanza te reizen om vervolgens met de boot verder te gaan over het 'Lake Victoria' naar Bukoba en door naar 'Port Bell' te Entebbe in Uganda. Er rijdt wekelijks een bus door de 'Serengeti' naar Mwanza maar hoe de rest zou verlopen was niet helemaal zeker. Wat wel zeker was dat het gehele traject toch wel een dag of vijf zou kunnen duren. En dat was alles wat we hadden om in Uganda te komen. Bovendien was volgens ons reisboekje de gehele weg incl. het laatste stuk ten Zuiden van het Victoriameer naar Mwanza in slechte staat.

Achteraf gezien bleek dit oude informatie want ze hadden de weg vanaf de Westelijke gate van de 'Serengeti' naar Mwanza een jaar daarvoor netjes geasfalteerd. Maar dat wisten we toen nog niet en toen we bovendien hoorden dat ook de boot naar 'Port Bell' uit de vaart was hebben we vanwege tijdgebrek na afloop van de safari het vliegtuig gepakt van 'Kilimanjaro airport' naar Entebbe (En dit voor maar USD 203.- p.p.). Daar werden we de 29e Juli verwacht bij Bart Munting van Habari Travel.
We moesten daar tijdig zijn voor de start van een 17 daagse georganiseerde rondreis door Uganda en een bezoek aan de gorilla's in Bwindi NP.
De 'Serengeti' moest maar even wachten.
Jinja,
Entebbe was onze startpunt voor het georganiseerde deel in Uganda. Een rondreis van negentien dagen met zes mensen, geboekt bij 'Habari travel'. Omdat we hadden gevlogen hadden we vier dagen extra tijd in Entebbe voordat de rondreis startte. De 1e dag zijn we met de minibus (Matatu) naar de hoofdstad Kampala gegaan. We hebben daar een hele dag rondgelopen en geen enkele blanke gezien. Wij vonden het een schitterende stad waar je de Afrikaanse sfeer optimaal kunt beleven.

De 2e dag zijn we gaan raften bij Jinja, waar de Engelsman Speke in de vorige eeuw dacht de bron van de Nijl te hebben gevonden. Wanneer je wel eens in een wasmachine hebt gezeten is het raften een peuleschilletje maar wanneer je enige vorm van waterangst hebt is dit niet aan te raden. Ten eerste kost je het ca. USD 90,- p.p. en ten tweede zitten er drie 'Rappids' klasse 5 in het traject die wij allemaal met de boot op z'n kop hebben overleefd. Je wordt na elke golf onder gezogen en je kunt tussen de golven door maar net even adem halen. De één zijn plezier kan de ander zijn nachtmerrie zijn. Maar de omgeving is schitterend en je ziet tussen de ‘Rappids’ door veel mooie vogels en krokodillen......, grapje ????

Na een kennismakingsavond met het reisgezelschap voor de rondreis zijn we de volgende morgen vroeg vertrokken we richting Murchinson Falls. Deze watervallen liggen in het Noorden van Uganda tegenaan de grens van Kongo. Je rijdt dan door het groene landschap van centraal Uganda met als tussenstop 'Budongo Forest', befaamd als reservaat van vele soorten mahoniebomen! In dit Forest leven chimpansees die je met wat geluk kunt tegenkomen. Het was echter te donker in het woud zodat we de chimpansees die er waren niet goed hebben kunnen zien. Ze zaten hoog in de bomen. Het enige dat je zag waren vallende pitten van de vruchten die ze aten.

Murchinson Falls,
'Murchinson Falls' is de plek die Fam. Baker in de 19e eeuw aanmerkte als bron van de Nijl. We verbleven op een 'campsite' tegenaan het NP 'Murchinson Falls' waar de nijlpaarden en maribu's liepen te grazen rond onze tent. Je valt in slaap met een olielamp voor je tent, het gebrul van leeuwen 200m verder en tegen de achtergrond het geluid van een struiken etend nijlpaard. Op een avond werden we zelfs verrast door een nijlpaard die op een halve meter afstand het washok passeerde. We konden nog net over een muurtje in veiligheid springen. Vermoedelijk had het nijlpaard haar tandpasta vergeten! Maar je went eraan.......... Wij vonden het allemaal prachtig. Het enige wat je moet doen is op je omgeving vertrouwen.

Het gaat goed en we genieten met teugen. We hebben wel wat diaree gehad maar niet extreem. We eten ook zelfs de Afrikaanse pot. Veel kip, zoete aardappelen, rijst, gekookte groente en bananen in alle soorten. Bananenwijn, bananenbier, gebakken banaan, bananen normaal, bananen stampot (Matoke), etc..........

In de omgeving van 'Murchinson Falls' vind je ook 'Lake Edward' waar je de befaamde 'Shoebill' ooievaar kunt tegenkomen. Wij hebben ondanks twee dagen zoeken op het water en tussen de papyrus oevers de ooievaar niet gezien. Ze moeten ca. 1m hoog zijn. Wel hebben we veel andere vogels gezien, de visarend, de ibis, de goliath reiger en veel andere soorten reigers en ooievaars. Ook waren er veel ander beesten aan de oevers van het meer te vinden. Buffels, diverse soorten antilopen, olifanten, giraffes, nijlpaarden, bavianen, Uganda kobs, oribis en hartebeesten. Alleen de katachtige en giraffen zie je daar niet veel. Het is meer wild dat zich graag in en rondom het water prettig voelt. Ook hebben we een bezoek gebracht aan de Murchinson Falls zelf. Zowel via het water stroomopwaarts evenals met de jeep tot aan de bovenzijde waar je in de waternevel tot op een meter afstand kunt staan. Je wordt wel helemaal nat als je daar naar toe gaat.
Toen de Tanzaniaanse soldaten Idi Amin kwamen verdrijven hebben ze ook veel wild afgeschoten. Met hun AK-47 geweren schoten ze op alles wat ze zagen. Nadien is er veel wild verhuisd van andere landen naar Uganda maar de katachtige hebben zich nog niet hersteld. Dus samen met Amin is er ook veel wild verdwenen.

Na ons bezoek aan de bron van de Nijl zijn we na drie dagen doorgereden van Murchison Falls naar Kibale Forest. Over een onverharde rode weg, vol met 'Potholes' kronkelend door het landschap van dorpjes, koffievelden en bananen-plantages met steile afgronden (zonder vangrail) waar je af en toe koud van wordt. De truck draaide in de scherpe bochten soms met zijn achterkant boven de afgrond. Na een stop in Fort Portal voor inkopen en een lunch zijn we doorgereden naar Kibale Forest. Vroeg in de morgen (want dan is elk beest op pad) vertrokken we samen met een UWA ranger voor een wandeling door dit prachtige tropisch laagland regenwoud.

Kibale Forest staat bekend om haar rijke variatie aan apen. (Red-tailed monkey, red colobus monkey, grey colobus monkey, grey cheeked monkey, hoest’s monkey, olive baboon, potto, matschie’s bush baby en thomas’s bush baby). Wat een hoeveelheid. Wij gaan op zoek naar de Chimpansees. Een wandeling van ongeveer vier uur. Helaas hebben we ze alleen hoog in de bomen kunnen zien zitten. We hoorden ze wel door het hele bos maar vind ze maar eens in een regenwoud. Te dicht begroeid om door te lopen en te donker om te zien. Je armen en benen zitten onder de schrammen van de struiken als je van het pad afgaat. Maar zonder dit te doen krijg je helemaal niets te zien.

Van Kibale reizen we via Fort Portal naar Queen Elizabeth. De laatste 40 km rijden we al door het park op weg naar onze overnachtingsplek, het Mweya schiereiland. De 'campsite' is schitterend gelegen op een heuvel met een fantastisch uitzicht over het park en het Kazinga channel. De waterbokken, wrattenzwijnen en Uganda kobs lopen hier vrij rond de tenten. En wassen kun je in een open douche met koud water.
Queen Elisabeth park,
Vlak na aankomst vertrekken we al weer voor een gamedrive in de late namiddag. Dit keer in het 'Queen Elisabeth Parc'. Weer hebben we veel 'Wildlife' gezien. Ook het waterleven is er heel mooi. De Hippo's lopen 's nachts zelfs rond onze tent en de wrattenzwijnen en maribu's zorgen dat de 'campsite' schoon blijft. Zij leven van afval.
De tweede dag gaan we 's morgens vroeg al weer op stap. Denk niet dat je op een safari kunt uitslapen want onze wekker ging meestal rond zessen. Soms zelfs een uurtje eerder.

Na vertrek kleurt de opkomende zon de mistflarden rood en langzaam met het klimmen van de zon komt de vlakte, bezaaid met euphorbia cactussen en dieren, tot leven. Je ziet dan weer de vele Uganda kobs, olifanten, buffels, waterbokken, leeuwen en Giant Forest hogs op de glooiende vlakten. Ter afsluiting van de dag maken we een twee uur durende boottocht op het Kazinga channel. We zagen ontelbare nijlpaarden (waaronder een albino), olifanten die komen drinken en verkoeling zoeken, buffels en vooral een uitbundige hoeveelheid vogels: yellow billed stork, saddle bill stork, vele soorten kingfishers (ijsvogels), pelikanen, Afrikaanse visarenden, etc.

De volgende morgen zijn we na weer een safari over de ‘mating grounds’ (paringsplaats) van de Uganda kobs vertrokken richting het Maramagambo Forest. Spectaculair zijn de vleermuis-grotten met een enorme populatie van Egyptian fruit bats. In de holtes van deze grotten leven grote pythons die verzot zijn op de vleermuizen! Andere routes leiden door het bos en langs stille kratermeertjes met wilde chimpansees, andere primaten en vele vogels van het tropisch woud.

De volgende morgen nemen we definitief afscheid van het Queen Elizabeth Parc. Langzaam kronkelt de weg omhoog naar de top van de Westelijke Rift Valley met adembenemende uitzichten over het Queen Elizabeth Parc, Lake George, Lake Edward, het Kazinga channel, de heuvels van Congo en de sneeuw van de Ruwenzori Mountains (5100 meter!). We reden via Kabale naar Lake Bunyonyi waar we hebben gekanood in een 'Dugout'. Denk niet dat dit eenvoudig is want voor je het weet draai je alleen rondjes en kom je nergens. Het meer zit vol met otters die genieten van de overheerlijke rivierkreeft uit het meer!
Bwindi,
Vanaf 'Lake Bunyonyi' zijn we naar Bwindi gereden. Zenuwachtig en vol emoties over wat we zouden gaan zien. Door een mooi landschap, maar over een niet zo goede weg. In het ‘Bwindi Impenetrable Forest’ leven rond de 350 berggorilla’s in het wild.

De volgende dag op zoek naar de gorilla's. Na ca. twee uur lopen door in het begin thee- en bananen plantages en vervolgens door steil en ondoordringbaar regenwoud hadden we ze gevonden. En hoe! Een groep van twee mannetjes (Silverback), verschillende vrouwtjes met kleintjes. We hebben ze van dichtbij gezien en geroken. Want door alle bladeren die ze eten worden er continue scheten gelaten. Ze liepen op soms nog geen twee meter afstand voorbij. We hadden geluk want het was een open plek in het bos met voldoende licht om wat mooie dia's te maken. Onze twee grootste wensen vervuld (Kilimanjaro en Gorilla's). Je moest de oudste Silverback zien zitten. Hij zat op zijn gemak te waken over zijn harem. Het was de gorilla groep genaamd 'Habianya' met 22 gorilla's.

Je mag maar een uurtje blijven omdat je anders de groep teveel verstoord. Het is een uurtje genieten dat je nooit vergeet. Ook niet helemaal ongevaarlijk want tijdens ons bezoek verscheen er ook nog een 'Black Mamba' ten tonele. Goed dat een ranger ons er op wees want het is het gevaarlijkste slangetje in Uganda.

Nog twee maanden te gaan met veel mooie dagen voor de boeg. We zitten nu in Kisoro en hebben een paar daagjes rust. Lekker in een normaal bed i.p.v. op een matje in de tent. Het regent wel heel hard af en toe. Maar wat wil je in een regenwoud. Dit hoort erbij. We hebben het nog perfect naar onze zin en zijn kerngezond.
Kisoro,
In Kisoro overnachten we in het 'Travelers Rest'. Een hotel waar Diane Fossey ook regelmatig uitrustte na een periode in de bush. Het hotel is van de lokale kerkgemeenschap en wordt nu gehuurd door Habari-travel. Het is de beste locatie om van daaruit de gorilla's in Rwanda te bezoeken. Het dorpje ligt op een doorgaande route naar Kongo. Je ziet er veel vrachtverkeer dat regelmatig vast zit op de onverharde en vaak blubberige wegen. Kisoro ligt op een hoogvlakte omgeven door de oprijzende vulkanen van het Virunga gebergte, die zowel in Rwanda, Congo als in Uganda liggen. Niet voor niets wordt dit gebied het Zwitserland van Afrika genoemd.

Tijdens ons verblijf in Uganda hebben we twee voorstellingen bijgewoond van kinderen uit een weeshuis. Ze verkopen zelfgemaakte tekeningen en sierraden en zingen en dansen voor een fooitje. Dit zie je veel in Uganda. Wees; Vanwege omgekomen ouders in oorlog, door aids of malaria. Vaak ook getraumatiseerd. Wij geven vaak wat onderweg als we reizen. Aan een weeshuis is het geen probleem geld te geven maar op straat geven we meestal kleding of eten zodat er geen alcohol of drugs van ons geld kan worden gekocht.

Ook zijn we lid van diverse hulporganisaties. In Uganda hebben we ook een ziekenhuis bezocht waar een nicht werkte van één van onze medereizigers. Dan kom je weer 'Down to Earth'! Naast veel patiënten met malaria, aids en andere ziekten komen er ook veel mensen met ernstige brandwonden. Dit vaak door een ongeval bij het koken. Vaak wordt er nog gekookt op houtskool en dit gaat nog al eens mis. Toen we daar waren kregen we het idee om voor onze 25 jarige bruiloft geld te vragen en dit aan het ziekenhuis te doneren. Contactpersonen hadden we al en zij gaven aan de meeste behoefte te hebben aan klamboes. Hoe eenvoudig kan het zijn. Dus een half jaartje hadden ook wij ons steentje weer bijgedragen.
Bezoek aan de Pygmeeën,
Het 'Travelers rest' wordt geleid door Joost. Een aardige Hollander die hier zijn roots heeft gevonden. Hij wordt geassisteerd door een leuk team van Afrikaanse meiden. Het eten is er goed en je bent altijd welkom. Er heerst een hartelijke sfeer en je voelt je er al snel thuis.

Vanuit Kisoro kun je allerlei activiteiten ondernemen. Lekker wandelen in de omgeving. Naar de kapper voor extensions. Een bezoek aan de lokale markt. Zomaar slenteren door het stadje. Een bezoek aan een afgelegen dorpje. En ..... een bezoek aan een gemeenschap Pygmeeën die vanuit Kongo naar Uganda is gevlucht.

We hebben het allemaal gedaan en gezien. M.n. het bezoek aan de pygmeeën heeft een grote indruk achtergelaten. Van oorsprong zijn dit nomaden die door het regenwoud trokken. Nu leven ze in een kleine gemeenschap in huisjes van riet tussen de bananenplantages. Geheel genegeerd door de overheid en beroofd van hun oorspronkelijke leefgebied. Ze leven daar afgezonderd van de rest van de bevolking. Geen mogelijkheid meer tot jagen, geen werk dus geen eten. Ontheemd en verstoten. Desondanks of juist vanwege deze ellende zingen ze nog steeds dagelijks hun traditionele liederen. Op zo'n moment voel je jezelf machteloos en klein.

Ons bezoek aan het afgelegen dorpje was positiever van aard. Hoewel de mensen ook arm waren straalden ze energie en zelfbewustzijn uit. Ze verbouwden hun eigen eten en medicijnen, maakten hun eigen Ugali en hadden veel plezier tijdens ons bezoek. We zaten ca. een uur samen op het dorpsplein om informatie uit te wisselen. Hoe gaat een zwangerschap in beide landen? Wie is er de baas in Holland? Hoe wij wonen in Holland? Hoe oud onze kinderen zijn etc...... Dit was heel leuk om te doen. Minder leuk, en waar we wat onwennig op reageerden, was het moment waarop we een baby kregen aangeboden om mee te nemen. De baby zou het beter hebben bij ons dan bij haar moeder werd ons verteld. We hebben dit vriendelijk afgeslagen maar het had ons wel aan het denken gezet.
Na afscheid van Joost en zijn 'Crew' vertrekken we naar 'Lake Mburo'. Eerst rijden we door de heuvels in het Zuid-Westen van Uganda, die langzamerhand over gaan in vlaktes droog gras met daarin de kuddes van de typische Nyankole koeien met hun enorme horens. Vanaf de asfaltweg Kampala/Rwanda/Congo slaan we linksaf de heuvels in naar dit kleine maar interessante park. Prachtig gelegen in de heuvels, bezaaid met duizenden Acacias en een meer in het midden. Dit is het enige park met zebra’s en impala’s in Uganda. Het park heeft meer bewoners: buffalo’s, topis, elands, de zeldzame 'roan antilope', hyena’s en het luipaard. Het restaurant aan de oevers van het meer is een idyllische plek om de zon te zien ondergaan.

Na overleg met de lokale ranger zijn we 's nachts op een gamedrive gegaan. Met de truck en een spotlicht op zoek naar het luipaard dat vooral in het donker jaagt. Gedurende het daglicht is b.v. de baviaan de baas maar 's nachts slapend in de bomen wordt hij regelmatig door het luipaard gepakt. Zo bestaat er een subtiel evenwicht tussen de diverse bewoners in het wild. Helaas hebben we alleen maar gekleurde ogen kunnen zien. Oranje van de bushbaby, geel van de hyena en groen van het luipaard. De volgende dag zouden we Uganda verlaten. Het reisgezelschap ging terug naar Entebbe en wij weer richting Tanzania om door te reizen naar Bukoba, een plaatsje aan het Lake Victoria.

In Masaka hebben we afscheid genomen van Marco en Marieke, onze chauffeur Ronny en mama Pamela die voordat ze weer wegreed eerst onze overnachting daar nog wilde regelen. We zijn voortreffelijk verzorgd door Pamela, zeg maar gerust in de luiers gelegd voor 19 dagen. Zo'n afscheid gaat niet zonder een traan. Al is het deels van de 'Lariam'.
Vervolgens met ons tweetjes weer verder!

Na een overnachting in de ‘backpackers’ net buiten Masaka zijn we richting Bukoba getogen. Eerst samen met de rugzakken achter in een vrachtwagen. Vervolgens het douane ritueel. Iedereen probeert wat te smokkelen. We moesten allemaal in een rij gaan staan. Vervolgens moesten we allemaal als de douane beambte bij jou was aangekomen je bagage laten zien. Als hij echter even niet oplette gaven de mensen in de rij hun smokkelwaar door -van achteren naar voren- waar hij al was geweest. Mooi om te zien ……. Vermoedelijk wist hij dit ook wel. Het was niet echt onopvallend. Dan geld wisselen met lokale handelaren. Verder met negen mensen in een taxi (normale personenauto) van Kyotere naar Mutukula. Vier voorin en vijf achterin. De chauffeur zat bovenop één van de passagiers. Lachen hé……...

Na aankomst stapte iedereen weer rustig uit en zijn wij met een shuttle bus (Matatu) -waarvan de chauffeur kennelijk nog wat bijverdienste had- naar Bukoba gereden. Na wat snuffelen op de lokale markt zijn we na een lunch in het historische 'Lake Hotel' (bekend uit de film 'The African Queen') met de 'MV Victoria' 's nachts naar Mwanza gevaren. We wilden 1e klas met slaapcoupe reizen maar toen we bij de haven aankwamen stond er al een rij van ca. 20 mensen voor het loket. Dus de kans op een 1e klas kaartje zagen we somber in. Maar na een beetje navragen en aandringen werden we aan de zijkant van het loketgebouwtje binnen gelaten. Een 'Mzungu' behandeling. Misschien hebben we iets teveel betaald maar we konden in elk geval onderweg slapen.

Het is ontzettend leuk om een dergelijke reis mee te maken. Wat er op zo'n schip allemaal wordt ingeladen en verhandeld is enorm. Bananen, ananas en alle soorten vis. Het gehele dek staat vol. De gangpaden staan vol en elk hoekje is gebruikt. Of met bagage of er ligt iemand te slapen. Heel sfeervol om dit mee te maken.
Mwanza,
Na zo'n negen uur varen met een enkele tussenstop komen we 's morgens vroeg in Mwanza aan. Ons volgende doel was Kigoma. Komende vanuit Uganda hadden we beter direct vanuit Bukoba hier naar toe kunnen gaan maar dan hadden we de 'Serengeti' moeten missen en er vertrekt geen trein vanuit Bukoba. We wilden in eerste instantie vanuit Mwanza via Tabora met de trein naar Kigoma. Maar ..... ook daar kom je niet zo maar aan 1e klas tickets. Zelfs de 2e klas was volgens zeggen helemaal uitverkocht en in de 3e klas wil je 's nachts niet slapen. Wat we ook probeerden dit keer ging de 'Mzungu' deur op het station niet open. Misschien wel tegen heel veel geld maar dit hebben we niet geprobeerd want er reed ook nog een bus.

Meestal hebben de conducteurs een handeltje op de trein. Omdat er weinig 1e en 2e klas kaartjes zijn kopen de meeste mensen toch maar een 3e klas kaartje. Wanneer je dan eenmaal op de trein zit kun je wel een beter kaartje kopen tegen bijbetaling maar dan verdwijnt het geld vermoedelijk in de zak van de conducteur.

Wij besloten met de bus naar Kigoma te gaan. Na eerst de bustickets te hebben gekocht, natuurlijk op de Afrikaanse manier, zijn we de tussentijd gaan inplannen. Dit deden we vaak omdat het openbaar vervoer niet elke dag rijdt. Zo kun je de tussentijd optimaal inplannen. Daarna zijn we op zoek gegaan naar een hotelletje met warm water. Dit bleek echter niet zo eenvoudig en zijn we maar blijven hangen bij het pension 'Christmas Tree' wat een naam!
Verder wilden we nog naar de 'Serengeti' vanaf de Westelijke ingang. Dit ging eenvoudiger en een Indiër wist wel iets voor ons te regelen. We zijn samen met een Oostenrijks stelletje geweest die gedurende hun vakantie ca. twee maanden in een weeshuis werkten. Dit wordt vaak gedaan door buitenlanders. Het is een rare regeling. Naast dat je hele dagen voor niets werkt moet je ook nog je kost en inwoning zelf betalen. Maar kennelijk hebben veel Westerlingen dit er wel voor over. Het is een verdienmodel voor lokale opportunisten.

Reizen,
Om eens aan te geven hoe luxe we leven. We zijn blij met een hotel met douche laat staan met warm water. Meestal sta je onder een koude douche. Je kunt dan wel een jerrycan met warm water krijgen voor het ergste vuil. Soms is er alleen maar een wastafel met een kraantje koud water. Maar alles went en wordt zelfs gewoon. We overnachten meestal in een budget hotel. Nu hadden we ook laatst zo'n hotelletje geboekt voor maar 3,-USD/pp/nacht maar toen we eenmaal op de kamer kwamen zag het er allemaal wel heel erg luguber uit dus hebben we 's middags maar omgeboekt naar een 'beter' hotel. Maar ook met koud water. En we zijn als blanke (Mzungu) nog steeds een bezienswaardigheid. Je komt ze bijna ook niet tegen op straat. Wanneer we in een minibus (Matatu) zitten met 19 mensen waar er maar 14 in mogen voel je overal handen om je aan te raken en/of door je haar te wrijven. Ook het haar van je armen is interessant.
Foto reeks
Serengeti,
Wat ze ook schrijven over de 'Serengeti'. Wij zijn met Steve een pracht gids en oud parkranger twee dagen en een nacht op stap geweest. Via de gate aan de Westzijde tot aan Senora campsite. De volgende morgen nog naar de eindeloze kale vlakten waaraan het park haar naam ontleent en vervolgens weer via de West-gate eruit.
We hebben wederom veel wild gezien en ook van 'Close range'. Dit mede omdat Steve het park en de locatie van de dieren op zijn duimpje kent. We hebben tot op 5 meter afstand een groep leeuwen kunnen naderen.

De avond in de 'campsite' is ook een hele ervaring. Slapen in de tent met het gebrul van leeuwen en gehuil van hyena's op de achtergrond. Een olielamp voor je tent, eten bij het kampvuur en naar mooie verhalen luisteren voordat je gaat slapen. Steve kende ongeveer alle mensen in het camp dus het werd een gezellige avond met de tranen over je wangen van plezier.

Als je 's avonds in het donker met je zaklamp over de 'campsite' scheen zag je de gele lichtjes in de ogen van de hyena's. Dus 's nachts alleen naar de latrine was al een hele onderneming. Wij stonden ca. 2 m vanaf de tent van een Masai kok en we hoorden de volgende morgen van Steve dat er 's nachts tussen de twee tenten nog een olifant had gelopen. Hij of zij had water geroken. Bij ons had hij of zij de haringen eruit gelopen waardoor de buitentent los was gegaan en de tent na een enorme donderbui aan de binnenzijde net zo nat was als aan de buitenzijde. Gelukkig hadden we nog ons zeiltje bij de hand zodat we hier maar onder zijn gekropen. Maar wat wil je nog meer. Dit is pas genieten! De zon droogt immers weer alles.

Ook in Uganda liep er 's nachts van alles over de 'campsite' (nijlpaarden, everzwijnen, een buffel en maribu's) naar eten te zoeken. Dit is wat de dieren komen doen. Dus niets in je tent bewaren anders komen ze het halen. Als je de dieren met rust laat doen ze verder niets. Dit wordt je ook dringend aangeraden want je wilt geen ruzie met een olifant, een buffel, een hyena of een nijlpaard.
De volgende morgen vroeg op om weer verder te gaan om de rest van het park te verkennen. Zelfs de 'Treeclimbing lion' hebben we gezien.
Na terugkomst in Mwanza zijn we de volgende dag doorgereisd naar Kigoma.

Daar wilden we het ‘Gombestream NP’ van Jane Goodall bezoeken (Chimpansees at close range)en daarna met de boot (MV Liemba) naar Zambia varen. Daar moeten we weer kijken wat de mogelijkheden waren om verder te reizen. Gaan we via Malawi (blauwe route) of via Lusaka en Livingstone naar de Victoria falls. E.e.a. zou afhangen van het vervoer dat er in Mpulungu (Zuidelijkste punt van Lake Tanganyka) te vinden was. We hebben ca. 7 dagen voor dit traject.
Kigoma,
We hadden een kaartje gekocht van Mwanza naar Kigoma (750 km) voor de bus. Een reis die volgens de kaartjes verkoper 12 uur zou duren. Echter na pas 22 uur over rode stoffige onverharde hobbelige wegen komen we aan, 3 keer motorpech, een weg die afgesloten is vanwege een ingestorte brug en een lekke band. Het laatste stuk met een 'Dalla dalla' (taxibus), die ook op het laatste moment nog een lekke band kreeg.

In een lange afstand bus zitten standaard 2 automonteurs en een bewaker met een AK-47. De verwachtte bus zag er anders uit dan dat we voor ogen hadden, geen goede shuttlebus maar één die je in Nederland op de sloop ziet staan. De bus is bestemd voor 45 stoelen maar uitgebreid tot 60, waar ca. 90 mensen in gingen. 5 Stoelen op een rij, en 30 mensen staand in het toch al smalle gangpad. Ook kinderen op schoot, zonder luier, soms piemelnaakt gingen mee, die je overigens de gehele reis nauwelijks hoorden. En bij elke stop om wat te eten of te plassen iedereen er uit en er weer in. Eerst de dozen in het gangpad dan het gangpad leeg en dan de mensen op de stoelen. Je kunt je voorstellen dat bij een noodgeval dit wel 10 minuten duurt. Als we stoppen om te plassen is er meestal ook wel een lokale verkoper in de buurt met bananen, ananas of een kippenpootje. Water is niet veilig dus dronken we of frisdrank of thee. We hadden wel een waterfilter bij ons maar dat was voor noodgevallen.

Je kunt je voorstellen dat het niet koud is in zo'n bus in hartje Afrika met zoveel mensen. Dus wij steeds ons raam open schuiven, dat door onze buurman voor -met een dikke jas aan-, stukje voor stukje (zg. ongemerkt) weer dicht werd geschoven. Ook werd er wel eten meegenomen voor onderweg. De familie naast ons (Oma en kleindochter) zaten rijst te eten uit de snelkookpan. En toen de kleine naast ons moest overgeven deed zij haar trui open als een slab om het braaksel op te vangen. Wel slim, maar ze moest zo blijven zitten tot de volgende pit-stop. Ook zagen we regelmatig vrouwen het kippenvet -dat na het eten van een boutje aan de handen bleef zitten- afsmeren aan de blote benen. Een soort van Afrikaanse nivea. Onvoorstelbaar zo'n busreis. We hebben onderweg geen foto's gemaakt omdat we ons -als enige blanken aan boord- niet buiten de groep wilden plaatsen. We voelden ons daar één met de bevolking.
C.a. 50km voor onze eindbestemming kwamen we aan bij een ingestorte brug. Midden in de nacht kunnen we niet verder. De bus liep langzaam leeg en iedereen zocht een plekje om te slapen tot er een oplossing kwam de volgende dag. Toen ook wij uit de bus konden kwam er net aan de andere zijde van de brug een 'Matatu' aanrijden met mensen die ook niet verder konden. Wij met vijftien anderen in het donker over de rand van de brug (die nog intakt was) gelopen richting de andere zijde. De chauffeur had wel zin in wat extra verdienste dus toen zijn busje leeg was konden wij er in op naar Kigoma.
Omdat er het busje helemaal vol moest zat Wim voorin met drie man -waarvan één slapend op zijn schoot- en Anke achterin met vier dozen kuikentjes op haar schoot. Zo hobbelden we verder tot het busje een lekke band kreeg. Wat kan er nog meer gebeuren. Natuurlijk geen krik bij maar gelukkig wel een reserve band. Wij met ons allen uit het busje zodat de mannen het busje konden optillen tijdens het wisselen van de band. Daarna weer iedereen in het busje richting in Kigoma.

Eenmaal aangekomen bij het busstation konden we samen met een medepassagier, (een dame uit Mwanza) -die de weg wel kende- met een gewone taxi verder naar de lodge. Om 00.30 stappen we doodmoe smachtend naar een douche in onze kamer, maar geen water, laat staan warm. Geen elektriciteit, geen handdoek en op Wim zijn bed geen lakens. Het rode stof kon je overal vinden. Zelfs in de rugzakken die we in een reiszak hadden gestopt. Dus ...... dan maar zo naar bed en afwachten wat de volgende dag je brengt. In elk geval was de locatie van de lodge schitterend. Direct gelegen aan het meer met een prachtig uitzicht en een ruim terras aan het water. Nu waanden we ons weer in de koloniale tijd. Zo word je op zo'n reis in beleving en gedachte keer op keer heen en weer geslingerd.

Diezelfde dag hadden we al een ontmoeting met de havenmeester. We gingen het tickethuisje zoeken bij de haven maar konden niet op het terrein. Afgesloten. En zeker voor iemand met een camera. Er lagen namelijk ook enkele marineschepen. Na wat aandringen mochten we toch op het terrein en mochten we zelfs naar het kantoor van de havenmeester. Hij was een keer in Europa geweest dus hadden we voldoende gesprekstof. Uiteindelijk kon die ons een 1e klas kaartje verzekeren voor de boot van woensdag naar Mpulungu. Dus dit was ook weer geregeld want de 1e klas tickets zijn erg gewild en worden al snel door lokale handelaars opgekocht om met winst weer te worden verkocht aan mensen die wat later komen. Weer een stukje dichter bij Zambia. Daar startte op 3 september het tweede en laatste georganiseerde deel van de reis. Van 'Victoria Falls' door Botswana en Namibië naar Zuid Afrika. Na aankomst in Mpulungu in Zambia hadden we nog 7 dagen om in Victoria Falls te komen.

Intussen relaxten we wat in het tropische plaatsje, met een mooi palmbomenstrand in een rustige omgeving. Wat rondneuzen, kletsen en naar de kapper. Dit is altijd leuk. Het slapen gaat overigens goed. Soms wel wat kort maar dit hoort erbij. Op vakantie slapen wij nooit lang. Hooguit 8 a 7 uur/nacht maar meestal korter. Vaak al om 6:00 uur uit bed maar meestal ook al om 21:00 erin. In Kigoma is het om ongeveer 19:00 donker en zonder elektriciteit is vroeg naar bed de beste optie. Nog steeds gezond en geen klachten. We eten alles en voelen ons goed.
Gombe Stream,
Gombe Stream, een klein afgelegen Nationaal park waar de bekende chimpansee onderzoekster Jane Goodall haar onderzoeken heeft uitgevoerd. We zijn 's morgens met een vissersboot vanuit Kibirizi vertrokken. Zelf een boot gehuurd voor Tsh 80.000, - (heen en retour). Anders moesten we gedurende een traject van 4 uur enkele reis met een veerboot mee. Dit met 50 mensen in de vorm van een overvolle houten sloep -ca.7 meter lang met buitenboordmotor, zittend op de rand zonder rugsteun.

In Gombe stream hebben twee keer een tracking georganiseerd, één 's middags en één de volgende morgen. We hebben de 'Chimps' van heel dichtbij mogen bewonderen. Jammer dat het vaak te donker is in het bos voor mooie dia's. Je mag nl. niet flitsen in het bijzijn van de chimps, maar zoals je ziet zijn er toch wel een paar gelukt. We sliepen in een houten hostel, van 5 kamers, afgeschermd met gaas tegen de baboons. Je moest zelf eten en drinken meenemen, wat eea wel een aparte sfeer gaf. De lodge ligt direct aan het meer zodat je lekker kunt luieren en zwemmen wanneer je dit maar wilt. En ......... 's avonds genieten van een mooie ondergaande zon tot je in slaap valt.

Een leuke ervaring was de terugreis van Kibirizi naar Kigoma. Op de heenweg hadden we een taxi genomen om naar Kibirizi te komen, een dorpje ongeveer 2 km van Kigoma. Halverwege stopte de taxi vanwege een ingestorte brug. Het laatste stuk moesten we na een klim over de randen van de brug maar lopen. Op de terugweg stond er direct aan het strand een oude witte taxi te wachten. Hij bood aan ons naar Kigoma te brengen, waarvan wij zeiden dat dit niet kon vanwege de ingestorte brug. Hij steeds maar beweren dat het wel ging. Dus wij overstag. Rugzakken achterin en rijden maar. Je moet je indenken; Een taxi met gaten in de bodem, een kofferdeksel vastgebonden met ijzerdraad en zonder een raam in de hele auto. Het was maar 2 km dus wat kon er gebeuren. Onderweg zat hij steeds maar te lachen afgewisseld met kreten van 'No problem'! En inderdaad aangekomen bij de ingestorte brug reed hij naast de brug zo het water in. Met 20 cm water in de auto ploegde de auto langzaam naar de overkant. En aan de andere kant langs de steile oever weer omhoog onder toeziend oog van alle andere taxichauffeurs die niet verder konden. Uiteindelijk kwamen we veilig bij onze lodge met een glunderende bestuurder.

Na aankomst in dezelfde lodge in Kigoma zijn we ook nog een dag naar Ujiji gegaan. Op deze plek onder de Mangoboom heeft Dr. Stanley David Livingstone teruggevonden -nadat deze al ca. een jaar dood was gewaand- herstellend van de vele inspanningen. Op de plek waar nu een museum is gebouwd sprak Stanley de beroemde woorden 'Mr. Livingstone I presume?'. Verder hebben we liggen luieren op het strand tussen de houten 'Dhows' aan het meer dat sinds de tijd van Livingstone al ca. 700m is teruggetrokken. De Mangoboom stond in die tijd aan de oevers van het meer.
Lake Tanganyka,
We zijn vanuit Kigoma op Woensdagmiddag om 16.00 vertrokken richting Mpulungu (Zambia). De boot vertrekt eens per week op woensdagmiddag. Dus missen wil je die niet!
Zoals je eerder hebt kunnen lezen was het gelukt om 1e klas tickets te krijgen voor deze bootreis van ca. 40 uur. We rekenden op een bootreis met de 'MV Liemba'. Maar helaas lag deze aan wal voor onderhoud dus moesten we met een andere boot voor een tocht van 38 uur naar het Zuidelijkste plaatsje van Lake Tanganyka. Het werd voor ons de 'MV Mwongozo'. Nog een vrij jong schip (bouwjaar 1982) vergeleken met de 'MV Liemba'. Je zou dit overigens niet zeggen toen we het schip zagen liggen.

De 'MV Liemba' is een oude Duits kannoneerboot met een lange geschiedenis. Het schip is in onderdelen over land (in 5000 houten kratten) naar het meer gebracht om daar weer op te bouwen. De 'Graf von Goetzen' -zoals het schip vroeger heette' werd gebouwd in 1913 in Duitsland en was één van de drie schepen die het Duitse rijk gebruikte om het 'Lake Tanganyika' te controleren tijdens de Eerste Wereldoorlog. Haar kapitein liet het zinken op 26 juli 1916 in 'Katabe Bay' tijdens de Duitse terugtocht uit Kigoma. In 1924 werd het schip weer geborgen door de Britse Royal Navy waarna het in 1927 werd omgedoopt naar 'MV Liemba'. Sindsdien doet het schip dienst als veerboot op het meer. De 'MV Liemba' is het laatste schip van de Duitse keizerlijke marine dat nog steeds actief vaart.
Na aankomst in Zambia was het de vraag hoe we verder gingen, bus of trein, en wanneer we weer konden e-mailen met het thuisfront want dit was toch wel fijn op zijn tijd. De familie is heel belangstellend geweest en we hebben ook thuis nog aardig wat zaakjes kunnen regelen vanuit Afrika. Maar Zambia is minder toeristisch dan Tanzania dus of we daar veel internetmogelijkheden zouden vinden was maar de vraag.

Uiteindelijk duurde de bootreis één overnachting en 10 uur langer dan gepland. Maar wij vonden dit helemaal niet erg en hebben de hele reis enorm genoten. De veerboot is het enige vervoermiddel daar in de buurt. Er lopen nagenoeg geen parallel wegen en het meer is bovendien omgeven door hoge bergen dus om de kleine vissersdorpjes die aan de kust van het meer liggen te bereiken zou je in ieder geval ook over deze bergen heen moeten.

De boot 1e, 2e en 3e klas zit dan ook vol met lokale mensen die van dorpje naar dorpje reizen met hun handelswaar. Meestal met zakken gedroogde vis of fruit, ananas en bananen. In de 1e klas (maar twee hutten) zit je in elk geval met z'n tweetjes apart. Dit is ook de enige luxe want meer dan een stapelbed met kunststof matrassen staat er niet in je hut. Je slaapt wel op het bovendek met uitzicht op zee.

Verder vind je overal, in elk hoekje en elk gangpad (niet alleen in het ruim) zakken met vis of slapende mensen. De 2e klas is een dek lager met alleen een opklap brits op een zaal voor 12 mensen. De 3e klas bestaat alleen uit een grote zaal net boven het waterniveau met alleen wat patrijspoorten om naar buiten te kijken. Helemaal volgestouwd met mensen en goederen. In de douches en toiletten (op alle dekken) wil je niet komen. Volgens mij nooit schoongemaakt, vol met dode muggen en een ontzettende stank. Ook op het dek van de 1e klas. Je kunt beter een duik in het water nemen als de boot even stil ligt dan daar naar binnen te gaan. Hoewel, veel lokale mensen vonden dit geen probleem.
Onderweg stopt de boot op ca. 10 plekken. O.a. het ‘Mahale NP’ waar je ook veel chimpansees kunt vinden. De veerboot ligt dan ca. een half uurtje stil voor de kust zodat vrachten met mensen en handelswaren telkens m.b.v. kleine bootjes kunnen op- en afstappen. De bootjes liggen dan aan beide zijden op rij tegenaan de veerboot. De mensen klimmen en klauteren hier overheen en hijsen zich m.b.v. vele handen aan boord. Je staat ervan versteld met welk gemak dit gaat en dat er geen ongelukken gebeuren.
En .... na een half uurtje gaat de scheepshoorn en alle bootjes varen weer terug richting de kust.
Zambia,
We zijn 's avonds aangekomen in Mpulungu Zambia. De bootreis ging voorspoedig zij het met 10 uur vertraging. Kortom een slecht tijdstip om nog een overnachting te vinden.
Gelukkig konden we een lift krijgen van een Zuid-Afrikaans echtpaar uit East London naar Mbale. Daar hebben we geslapen in een herberg met kamers vol grote spinnen.
De volgende morgen zijn we richting Kasama gereden. Weer achter in de truck van de twee Zuid-Afrikanen.
In elk geval zijn de hoofdwegen in Zambia goed (zelfs geasfalteerd) dus kun je er snel reizen. In Kasama zouden we de Tazara trein pakken richting Lusaka als deze niet wederom vooraf gereserveerd moest worden. Bovendien adviseerde iedereen ons de bus te pakken omdat dit veel sneller en comfortabeler was. In elk geval waren de hoofdwegen vlak en geasfalteerd dus leek dit de waarheid.

We hebben dus maar een kaartje voor de bus gekocht die de volgende morgen om 6:30 naar Lusaka vertrok. In Zambia rijden de bussen wel op tijd en in plaats van de 13 uur gepland voor de reis naar Lusaka deed de bus er zelfs maar 10 uur over. In Lusaka hebben we gelogeerd in de (Chachacha backpackers). Hoe verder we het Zuiden naderen wordt het ook steeds beschaafder. Zuid-Afrika als laatste is natuurlijk helemaal Westers. De hoofdwegen zijn nu al vaak geasfalteerd en er rijden goede bussen. Nog wel steeds met 5 stoelen op een rij. Dus geschikt voor 60 zitplaatsen. Dit is kennelijk voldoende voor de kleinere Afrikanen. Maar voor mij (Wim) betekent dit dat je continu in de knel zit met je schouders of half in het gangpad hangt.

In Lusaka is niet veel te doen dus gaan we de volgende dag maar weer verder. Afhankelijk van onze nachtrust en eventuele vertragingen van de bus. We hebben wel weer geprobeerd de trein te pakken van Lusaka naar Livingstone maar deze vertrekt alleen op rare tijden. Je durft bovendien bijna niet alleen op het station te komen en rijdt hij ontzettend langzaam. Dus opnieuw bleek de bus het beste alternatief.

En ..... we hadden zelfs een splinternieuwe ‘selfproviding’ airco-bus waar zelfs een drankje en een hapje in de prijs was inbegrepen. Dit tot grote spijt van de lokale bewoners die, wanneer zo'n bus voorbij kwam, hun sieraden en etenswaren niet meer konden slijten aan de kant van de weg. Dit altijd zo leuke tafereel zal je dus in de toekomst door deze oprukkende 'vooruitgang' veel minder zien. De ramen van de bus konden niet open om toch iets te kopen.
Om 14:00 die middag vetrokken we met deze bus van Lusaka naar Livingstone. Wederom ging deze reis voorbeeldig en om ca. 20:00 stonden we al op ons nieuwe adres in Livingstone. Weer een beetje luxer, nog wel met gezamenlijke douches maar met een mooie tuin en zelfs een zwembad om in af te koelen.
Victoria Falls,
Hier een mooie foto van de ‘Victoria Falls’, onze huidige adres. De Victoria Watervallen worden ook wel ‘Mosi-oa-tunya’, het donderende rook genoemd. We hebben het ontzettend naar onze zin. We hebben de ‘falls’ vanaf de Zambian en Zimbabwe kant mogen bekijken. En als letterlijk het hoogtepunt hebben we met een ‘Microlight’ (Deltavlieger met motor) over de ‘falls’ gevlogen. Een ontzettend mooie ervaring gevolgd door een ‘Sunset diner’ op een boot die 2,5h over de Zambezi rivier vaart. Wat wil je nog meer! Ook zijn we met een ’Jetboot’ stroomopwaarts tot onder de watervallen gevaren. Dit kan alleen in het droge seizoen! Zo ben je al snel op een toeristische plek zo'n 200,- USD/pp armer.

Het wordt wel steeds beschaafder naar mate we meer het Zuidelijkste punt van Afrika naderen. Het primitieve leven is voorbij. Ook zie je meer criminaliteit.
Niet in Livingstone maar des te meer in het verscheurde Zimbabwe waar je zelfs voor een brood in de rij moet staan. De inflatie is zo sterk dat het verschil tussen de 'witte' en 'zwarte' Zimbabwe dollar een factor zeven bedraagt. Het is dan ook bij wet verboden om op straat in geld te handelen. Ook zie je op elke hoek toeristenpolitie staan om de vele bedelaars en criminelen, aangetrokken door het geld van de Westerse toeristen, in de hand zien te houden. Het ziet er daar op z'n minst allervriendelijkst uit.
Vanuit Livingstone in Zambia vertrekken we met de taxi naar de grensovergang van Zimbabwe. Dwars door het ‘Zambezi NP’. Onderweg steken er vlak voor de auto nog twee olifanten over de weg. Daar kijken we inmiddels al niet meer van op. Eigenlijk niet normaal. Nadat we hebben uitgeboekt op de grenspost lopen we in de bloedhitte in ca. een half uur door 'No-mans land' naar Zimbabwe. Over een lange brug over de 'Zambezi river' waar je ook vanaf kunt ‘Bungee Jumpen’. Dat hebben we maar niet gedaan. Aan het eind van de brug achter de grenspost konden we weer verder met een taxi.

Op 4 september zijn we vanuit 'Victoria Falls' weer verder getrokken voor het 2e georganiseerde traject van onze reis. Dit keer richting Kaapstad via Botswana en Namibië. We reizen in een witte 'Overland truck' van Wildlife Adventures gevuld met een internationaal gezelschap met ons als enig Hollandse echtpaar. Ze hebben ook een website waar de reis op staat onder de naam "Southern Skies". Het is een gezelschap van Nieuw Zeelanders, Amerikanen, Britten een Duitser en een Belgische. Totaal 13 mensen.

We vertrekken eerst richting Botswana vanwaar we via het ‘Chobe NP’ en een overnachting door rijden naar de ‘Okavanga Delta’. Hier gaan we drie dagen met de kano peddelen tussen krokodillen en nijlpaarden. Het is een soort grote Biesbosch maar dan met wat beestjes. We gaan daar opnieuw overnachten in de ‘bush’ en te voet door de ‘wilderness’.
Botswana,
De grens naar Botswana wordt overgestoken waar we weer eerst weer alle grensformaliteiten moeten ondergaan. Vervolgens een korte rit naar Kasane en ons kamp aan de oevers van de Chobe Rivier.
Het Chobe Nationaal Park staat bekend om zijn grote kuddes olifanten, nijlpaarden, krokodillen en heel veel vogels. Er zit meer wild dan alleen Olifanten maar zij overheersen het park en hebben nagenoeg elke boom beschadigd. In de namiddag vertrokken we van onze 'campsite' weer voor een riviercruise. Met een ondergaande zon dieren 'spotten' die na een hete dag zich komen verkoelen en wat drinken in de rivier.

De volgende dag zijn we al weer vertrokken vanuit Chobe via de Makgadikgadi Zoutpannen, beroemd om de Baobab, (ondersteboven) bomen, naar Maun. Van hieruit vertrekken we naar de Okavango Delta. We vertrekken met Jeep's richting de opstapplaats voor de Makoro's (handgemaakte kano uit een boomstam). De ruimte in een dergelijke kano is beperkt dus we reizen met minimale bepakking. Dus één slaapzak en een set kleding voor drie dagen is voldoende.
Elke Makoro heeft zijn eigen 'Poler'. Net als in Venetië. Na een 2 tot 3 uur durende tocht door de Delta zijn we gestopt en hebben we het kamp opgezet.

De Okavango is de grootste binnenlands gelegen delta in de wereld, 6.425 km², een uniek en fascinerend eco systeem. In plaats van haar weg te zoeken naar de oceaan, zoals de meeste rivieren doen, vertakt de Okavango rivier zich in een groot gebied met waterwegen en de hierin gelegen eilanden, waarna de rivier in de Kalahari woestijn verdwijnt. De Okavango is een tot leven gekomen droom voor vogelliefhebbers en plantkundigen. Groot wild komt wel voor in de Delta maar is moeilijker te vinden dan in b.v. Chobe.

De voornaamste reden om naar deze delta te komen is om de wonderen van deze delta te ontdekken, de stilte uit de oertijd te ondergaan en te kijken (met wat geluk) naar de nijlpaarden, de krokodillen, de prachtige flora, het intense vogelleven, te vissen en af en toe grote landdieren vanaf het water te observeren. De Okavanga Delta is een ongelooflijk web van waterwegen en lagunes. Het kamp was primitief (een echt bush camp) zonder sanitaire voorzieningen. Met de 'Polers' hebben we twee wandelsafari's gemaakt op zoek naar het wild en om te genieten van de pracht van de regio. Eén in aller vroegte met opkomende zon en één laat in de middag met ondergaande zon. Verder hebben we twee dagen in het kamp gehangen het 'Niets doen' ervaren. Een hele dag en nacht verblijven op een klein eiland met niets te doen. Bloedheet, nagenoeg geen schaduw en wachten op de avond zodat bewegen weer wat dragelijker werd. Is dit een normale 'African day'?
's Avonds bij het kampvuur was het weer wat gezelliger. Eten, kletsen en weer slapen.
Namibië,
Namibië betekent 'Open vlaktes' in de oude ‘Hottentot’ taal. Na Maun zijn we doorgereden richting ‘Waterberg Plateau NP’. Historisch gezien is dit een interessante plek, want dit was de plaats waar de oorlog tussen de Duitsers en de Hereros plaats vond. Het gebied is nu een toevluchtsoord voor bedreigde diersoorten. Het is zeer bekend door zijn ongelooflijke rotsformaties en de vele wandelingen die er gemaakt kunnen worden. En........ ook kunt verdwalen.
Tijdens onze wandeling naar de rand van het plateau zijn we ook nog even doorgelopen richting het centrum, totaal niet wetend hoe groot het plateau werkelijk is. Dus na een uurtje waren we al verdwaald en moesten we via veel omwegen onze weg terugvinden. Maar ook dit liep weer goed af en twee uur later reden we al weer richting ‘Etosha NP’.

Etosha is een uniek Nationaal Park en met haar open zoutpannen is het niet moeilijk te zien waarom de lokale bevolking dit de 'Plaats van droog water' noemt. Dit gebied wordt gedomineerd door de zoutpannen, waar de mogelijkheid bestaat om olifanten te zien, zwarte neushoorn, leeuw en luipaard. Alle campings hebben verlichtte waterbronnen, die zeer geschikt zijn voor het wild spotten na het diner.
Wat vind je hiervan? Zelfs vanuit je bungalow kijken naar het wild. Niets meer avontuur! Etosha is commercieel en ingericht op de mensen met het grote geld. Met veel kunstmatige waterputten en geasfalteerde wegen. Ook beschikken de verschillende camps over zwembaden, winkels en luxe restaurants.

Etosha is een soortgelijk park als het 'Kruger NP' in Zuid-Afrika, door de lokale bevolking ook wel de 'Wildtuin' genoemd. Nee, geef ons maar een overnachting in de tent in Uganda. In het pikkedonker zonder enige vorm van luxe en op jezelf aangewezen! We hebben opnieuw in de vroege ochtend en de late middag ‘gamedrive's’ gemaakt. Meestal naar één van de waterplaatsen in het park, waar de dieren vroeg in de morgen komen drinken. Je zag opnieuw alle dieren zoals eerder genoemd. Specifiek in verhouding veel giraffen, zebra's, hyena's en leeuwen. Vanwege het ontbrekende water nagenoeg geen vogels en vanwege de ontbrekende bomen geen luipaard.

Safari,
Na de zoveelste safari krijg je ook wel enig idee waar het om gaat. Wil je nijlpaarden en vogels zien? Ga dan naar een waterrijke omgeving. Wil je giraffen zien? Ga dan naar een plek waar je doornachtige bomen kunt vinden. Wil je een luipaard, of olifanten zien ga dan naar een bomenrijk park. (Yellow Acacia) Ga niet in het midden van de dag zoeken. Kies een kleine terreinauto met een ervaren lokale ranger. Mijdt drukke plekken. Leeuwen leven alleen en liggen overdag meestal in de schaduw uit te rusten en jagen in de morgen of avond. 'The Lioness' zorgt voor het eten. De cheeta leeft op kale vlakten in hoog gras. De zebra's en gnoes zijn onafscheidelijk en elkaars hulp. Zoek je katten kijk dan naar het gedrag van antilopen. Neushoorns liggen vaak in of nabij waterpoelen. Een olifant heeft geen natuurlijke vijand en kun je vinden bij beschadigde bomen. Een giraffe kan een leeuw doodschoppen. De leeuw heeft respect voor de Masai. Het meeste wild, zonder jongen, vlucht voor mensen. Je hebt grofweg drie observatie niveaus tijdens een safari. Je vindt ze, je snapt ze en je voorspelt ze. Het laatste niveau is voor weinigen weggelegd.
Swakopmund,
Vanuit Etosha (ons laatste wildpark) zijn we via Windhoek richting Swakopmund gereden. Niet over de verwachtte 'gravel' wegen maar normale geasfalteerde hoofdwegen. Je kunt het al zien aan de plaatsnaam; het is een tweede Domburg vol met Duitsers. Niet onlogisch want Namibië is een oude Duitse kolonie.

Swakopmund is een leuke Bavaria –achtige stad, gelegen tussen de zee en de woestijn. Grote stranden, diepzeevissen, 'quad biking', 'dune boarding' of vluchten over de woestijn Verschillende winkels, bars en restaurants zorgen ervoor dat iedereen aan zijn trekken komt tijdens een vrije dag in Swakopmund. Zelfs 'Apfelstrudel mit Zane' was er verkrijgbaar. Overigens wel lekker met een bakje koffie na 10 weken Afrikaans eten.

De eerste dag toen we aankwamen was het bewolkt weer dat hier schijnbaar veel voorkomt. Veel zeedamp en mist. De 2e dag was echter veel beter. Een prachtige dag met veel zon. We hebben die dag 2 uur lang op de quad door de duinen gecrost. Heel leuk om te doen en een hele goede methode om de uitgestrektheid van de Namibische duinen te ervaren. Er zaten best steile heuvels tussen. Ik denk wel 45 gr. of steiler. En dan steil recht naar beneden. Wanneer je vast komt te zitten is het best eng. Je dreigt weg te zakken of achterover te slaan. Het is de techniek dat je altijd met de voorkant van je Quad naar beneden gericht stopt. Het was wel een tour van 50km lang die eindigde bij 'Walvisbay'.

Verder hebben we daar veel souvenirs gekocht. Elke keer weer onderhandelen voor een cadeautje om mee naar huis te nemen. Uiteindelijk verdienen ze er volgens mij na het afdingen nog meer dan 100% aan.
Sosus valei,
De 'Sosusvlei' is één van 's werelds oudste woestijnen, een natuurwonder van meer dan 130 miljoen jaar oud, met de hoogste zandduinen ter wereld. We stonden op de dichtstbijzijnde camping zodat we 's morgens de eersten waren die de duinen beklommen voor een onvergetelijke zonsopgang. Met de nevel die nog tussen de duinen blijft hangen zie je langzaam de zon opkomen.

Daarna zijn we richting de kust gelopen over de uitgedroogde bodem en het rulle zand. Bloedheet en ontzettend droog. De hele dag door. Dat is Namibië. Ook hier moet je weer wachten tot de avond of vroege morgen om te kunnen bewegen. Het is anders niet uit te houden.
Laat in de middag zijn we ook naar de dichtbij gelegen 'Sesriem Canyon' gereden. We zijn ook naar beneden gelopen langs de kalkstenen wanden waar je de kiezelstenen uit de prehistorie nog in ziet zitten. En 's avonds op de camping kon je lekker nog buiten zitten. Wel moest je uitkijken voor schorpioenen. Met een UV lampje kon je deze goed zien lopen. De meeste veranda's hadden een opstaand randje dat schijnbaar voldoende hoog was om de schorpioenen te weren.
De volgende morgen vroeg weer in de truck op weg naar de ‘Fish River Canyon’. Je rijdt opnieuw continu door een lichtglooiend, dor en verlaten landschap. Aan de Oostzijde de Kalahari woestijn en aan de Westzijde de Atlantische oceaan. Kilometers lang geen mens of dier te zien. De truck leek soms net een oven en je verlangde naar het koelere Zuid-Afrika.

Onderweg zijn we nog een keer gestopt bij wat Aloë boompjes waar de befaamde (voor dames althans) Aloëvera olie uit wordt gewonnen. De boompjes zijn karakteristiek voor dit gebied in Namibië.
Fish River canyon,
Na aankomst bij de Fish River Canyon zetten we onze tenten op in het nabijgelegen Hobas kamp. Opnieuw zonder water en met als enige verkoeling een chloorbak van drie diameter doorsnede waar je in mag zwemmen. Een kamp dat gerund wordt door de organisatie achter Nationale Parken van Namibië. Dezelfde avond al zijn we naar de canyon gereden. Een mooie zonsondergang met diner en een glaasje witte wijn was onze beloning.

De canyon is de tweede in grootte in de wereld. Alleen de 'Grand Canyon' is groter. De 'Fish River Canyon is 16 km lang, 28 km breed en ca. 545 meter diep. De 'Fish rivier' doorsnijdt de canyon en stroomt naar de 'Gariep (Oranje) rivier' die uitmondt in de Atlantische Oceaan. De vegetatie en het wild zijn zeer interessant. Veel rode Aloë bomen maken dat de omgeving er uitziet als op de planeet Mars. Er zitten veel bavianen, bergzebra's, rotskonijnen, 'grond eekhoorns' en klipspringers. Met een beetje geluk heb je ook nog kans een luipaard te zien.

De volgende dag zijn we de grens overgestoken naar Zuid Afrika. Net over de grens hebben we een camping (Fiddlers Creek) uitgezocht waar we de rest van de dag konden ontspannen. Het was gelukkig al heel wat koeler geworden en onder het genot van een 'Savanna' of een 'Hunter' op het terras was het wel uit te houden. Vanaf het terras kon je rustig genieten van het rivierleven dat zich voor je neus afspeelde. Je kon ook deelnemen aan een 'Kano safari' of een 'Sunset cruise'.
Kaapstad,
Aankomst in Kaapstad. Een veelbesproken stad die je in je leven moet hebben gezien. M.n. de bezienswaardigheden op het Zuidelijkste puntje van het Afrikaanse continent. Wij wilden dit feitelijk al doen tijdens onze eerste reis door Zuid-Afrika maar zijn toen niet in de gelegenheid geweest. Kaapstad, met de indrukwekkende Tafelberg op de achtergrond, is één van de mooiste steden ter wereld en trekt veel liefhebbers van het betere amusement en een goede keuken. Als men aan de 'Kaap' denkt, denkt men aan de wijn en Zuid Afrika's grote wijnroutes zijn dan ook een belangrijke trekpleister voor toeristen.

Verder heb je bezienswaardigheden zoals onder andere de 'Tafelberg', het gezellige 'Victoria & Alfred Waterfront' gelegen bij het havengebied van Kaapstad met de vele terrasjes. Ook vertrekken er vanaf de 'Victoria & Alfred Waterfront' verschillende boten voor een excursie naar 'Robbeneiland', het gevangeniseiland waar Nelson Mandela vele jaren van zijn leven in gevangenschap heeft door gebracht.

Wat niet in de boekjes staat is dat de stad wordt geteisterd onder criminaliteit en gelukzoekers vanuit andere Afrikaanse landen. In de 'Townships' ten Oosten van Kaapstad leven, zo hebben we vernomen, ca. 2 miljoen mensen die ook een graantje van de welvaart proberen mee te pikken. Kijk uit voor zakkenrollers en in de omgeving van 'Long Street'. Daar moet je 's avonds niet alleen over straat gaan.

Wij vonden het mooiste van Kaapstad het schiereiland Peninsula. Vanaf Cape Town tot aan Cape point. Met haar prachtige baaien, pinguïns bij 'Boulder beach', springende dolfijnen en walvissen langs de kust in een helder blauwe oceaan met een prachtige branding. Je kunt er naar lust wandelen en fietsen.
De omgeving is een beetje te vergelijken met de Middenlandsezee landen. Het is hier ook geheel niet Afrikaans meer. Veel Westerse invloeden, en ook veel blanke mensen. Meer dan zwarte. Dit is vanaf de grens met Zambia geleidelijk gaan veranderen. Ze spreken hier ook Duits, Engels of Zuid Afrikaans. De verandering begint feitelijk al vanaf Victoria Falls. Het gehele Southern Afrika is wel eens een keer door Europese landen gekolonialiseerd. Het is ook al een stuk frisser aan het worden. Zo was het in Etosha wel bijna 40 gr.C. Nu moeten we 's avonds ons vest aan. Bij vertrek in Kaapstad is het vermoedelijk overdag maar 20 gr.C meer. Net goed om te wennen aan het klimaat in Nederland.

We hadden negen dagen te besteden in het puntje van Afrika. We zijn naar 'Robben eiland' geweest. We hebben de 'Tafelberg' beklommen. Ook hebben we de 'Lions head en -tail' beklommen. Cape point hebben we beklommen. Kaap de goede hoop hebben we beklommen. We hebben gefietst naar Cape point en onze energie was nog niet op.

Na drie van de negen dagen besloten we om toch nog maar een stuk van de z.g. "Gardenroute" te gaan verkennen. Zes dagen op ons kont zitten wachten tot het vliegtig vertrekt is niets voor ons. Zeker niet in zo'n mooi land op zo'n mooie plek. We logeerden bij de "Blue backpackers" en leiden een luxe leventje met genoeg eten en drinken. Elke dag breakfast, lunch en diner in een restaurant o.i.d. Alvast weer wennen aan Nederland. De backpackers zit in een oud herenhuis met mooie kamers. Absoluut de moeite waard om eens te bezoeken.
Garden route,
De tuinroute begint bij 'Mosselbaai' en eindigt ergens bij Plettenberg richting Port Elisabeth en slaat daarbij Hermanus een lief dorpje -waar je in September de meeste kans hebt om Walvissen te zien- over.
We hebben daar twee dagen ons vergaapt aan de mooie taferelen die je ziet. Het was dat weekend ook walvissenfestival dus heel gezellig en overal wat te zien. We zijn tevens per boot gegaan maar vanaf de kant kun je ze ook goed zien. Het was prachtig en we hebben er veel gezien. Liggend, draaiend, springend, er was a jumping jack die vlak voor ons neus 6 maal sprong. We hebben er wel honderd gezien in die twee dagen. Meestal de 'Southern Right One' maar ook de 'Killer whale' met zijn witte buik komt hier voor. De walvis vrouwtjes komen omstreeks deze tijd in de baai om de baren. Ze zijn dus meestal in gezelschap van kleintjes. Soms denk je dat ze vastlopen op het strand. Zo dicht bij de kust komen ze.

De volgende dag zijn we doorgereden naar Mosselbay. Ook een heel leuk plekje aan de kust waar je je hart kunt ophalen. Zwemmende otters en dolfijnen voor de kust. Een mooi kust wandelpad. Een grot met oudheidkundige vondsten van de oorspronkelijke Hotentot bewoners. En een mooie backpacker in een oud parkhuis. Maar allemaal erg luxe. Je ervaart geen zichtbare armoede meer in deze streek.

Vervolgens zijn we doorgereden naar Knysna en met de stoomtrein via Wilderness en Stellenbosch weer terug naar Kaapstad. Daarbij vonden we Wilderness het mooist. M.n. de kuststrook is bijzonder en slaap wanneer je hier bent ook nog een nachtje in de backpackers hoog in de duinen met uitzicht op zee. Vanuit Stellenbosch hebben we natuurlijk nog een wijnroute geboekt. Met een minibus via Paarl en Franschhoek langs drie wijngaarden en weer terug naar Stellenbosch. Elke streek heeft zijn eigen wijnsoort en smaak. Dit vanwege de lokale grondsoort, het hoogteverschil en de positionering van de wijngaarden t.o.v. de bergen.
Terugreis
We zijn om 16:00 vanuit de ‘Blue backpackers’ vertrokken naar het vliegveld. We vertrokken om 20:00 vanuit Kaapstad naar Londen met het vluchtnummer BA 58Q. We deden er ongeveer 11 uur over en kwamen daar aan om 6:55. Vervolgens moesten we daar ongeveer 6 uur wachten en om weer te vertrekken richting Nederland om 13:25 met het vluchtnummer BA 438Q. We kwamen aan op 1 oktober (via Londen naar Schiphol) om 15:35.
Emigreren ???
Het is leuk voor vakantie maar ..............
Er zijn in Afrika meer Mzungu's die hun geluk proberen te vinden. Maar het politieke klimaat in deze landen is zo fragiel dat je na tegenvallende verkiezingen alles weer kwijt kunt zijn. Bovendien heeft de lokale bevolking geen geld en moet je het van de blanke gelukzoekers en toeristen hebben die hier komen en die ook weer hun eigen Westerse mentaliteit meenemen. Dus wellicht zijn er betere landen om dit te doen. We blijven zoeken! Er zijn voorbeelden van b.v. de backpackers hostels. Zij geven onderdak aan trekkers en organiseren safari's naar dichtbijgelegen nationale parken. Volgens mij is dit wel winstgevend omdat het allemaal geen cent kost en je wel USD 90,-/dag/pp aan de toeristen vraagt. Vermoedelijk toch wel een winstpercentage van 200%. Dus de verkoop van kleding bij Splendid verdient vermoedelijk beter.
Wat je wel veel ziet zijn diverse ontwikkelingsprojecten met geld van buitenlandse hulporganisaties. Veel studenten komen een half jaar helpen in weeshuizen, ziekenhuizen en op scholen ed..... Ook zie je veel auto's rijden van UN organisaties. Ik wist niet dat er zoveel waren. Daar moet ook veel geld naar toe gaan. Als ze dan ook nog maar samenwerken? Voedselhulp, vluchtelingenhulp, ...... ook hebben we het SOS kinderendorp gezien. Dit ligt in de buitenwijken van Lusaka.
Verder als je de lokale kranten leest, die uitgegeven worden in het Engels, lees je veel over hoe de regering hun (door het buitenland gekregen) geld besteed. Vermoedelijk moeten ze het zo vaak verklaren omdat niemand het geloofd. Verder zijn alle kranten en radio- en televisiezenders in handen van de regering. Er is kennelijk één oppositiekrant. Dus je moet ook in een dergelijk land met je ogen dicht leven en geen medelijden met de onderdrukte bevolking krijgen. Zou dit lukken ???
Verder zou je nooit iets van eigendommen moeten kopen zoals onroerendgoed maar iets pachten o.i.d.....


Wetenswaardigheden.
Heerlijke gerechten uit Afrika:
  • Trupa;
  • Ugali;
  • Matoke;
  • Chicken stew;
  • Meat stew;
  • Bushbok;
  • Buffelvlees;
  • Krokodillen biefstuk;
  • Springbok;
  • Zoete aardappel;

    Financiële zaken, anno zomer 2005:
  • De Keniaase munteenheid is de Shilling. 1 USD = 75 Ksh.
  • De Tanzaniaanse munteenheid is de Shilling. 1 USD = 1150 Tsh.
  • De Ugandeese munteenheid is de Shilling. 1 USD = 1750 UGsh.
  • De Zambian munteenheid is de Kwacha 1 USD = 4100 ZAkw.
  • De Zimbabwe munteenheid is de Dollar. 1 USD = 24500 ZWD.
  • De Botswana munteenheid is de Pula 1 USD = 5,4 BWP.
  • De Namibian munteenheid is de Dollar 1 USD = 6,1 NAD.
  • De South African munteenheid is de Rand 1 USD = 6,1 ZAR.
  • Geld wisselen kun je bij een bank of in het hotel waar je verblijft.
  • Geld wisselen met travellercheques kost meestal 15% provisie.
  • Onze dagelijkse kosten voor overnachtingen en eten bedroegen gemiddeld ca. 25,- USD/p.p./dag.
  • Kosten, alles inclusief, waren EUR. 100,-\p.p.\dag.
  • De huidige koers van de valuta.

    Gezondheid:
  • Tip tegen diaree, weinig eten (kleine maaltijden) en elke dag een flesje Coca Cola eventueel gemengd met mineraal water.
  • Gebruik van Lariam ter voorkoming van Malaria is ons goed bevallen.
  • Vanaf de Victoria Falls zijn we echter gestopt met Lariam. Hiervoor was geen noodzaak meer.

    Reisinformatie:
  • We zijn 84 dagen op pad geweest waarvan we ca. 60 keer op een andere plaats hebben overnacht.
  • We hebben geslapen in hostels, tenten, backpackers en op boten.
  • We hebben gereisd per bus, trein, boot, minibus, vrachtwagen en taxi.
  • We hebben onderweg 12 wildparken gezien.
  • We hebben 8 landen doorkruist.
  • We hebben ca. 12.000 km afgelegd.

    Internetadressen:
  • Vliegreizen Ticket2go.
  • Nairobibackpackers.
  • Arusha expedition.
  • Reisorganisatie Habaritravel.
  • Reisorganisatie Angeli Travel.
  • Reisorganisatie Wildlife Adventures.
  • Google maps.
  • Lonely planet.
  • World Health Organisation.
  • Landelijke Coordinator Reizigersadvisering (LCR)
  • Travelclinic.
  • Gezond op reis.
  • Valuta informatie.



  • Terug reisverslagen

    - Einde -